chat-altchatcrossloginquestion-circlesearchsmileystarthumbup-downwarning
Vlaanderen
Contacteer ons
    Terug naar overzicht Stuur een e-mail

    Stuur een e-mail naar 1700, de informatiedienst voor al uw vragen aan de overheid.
    U ontvangt een kopie van uw bericht.

    Terug naar overzicht Chat met ons
    Uw chatgesprek wordt automatisch gestart zodra er een medewerker beschikbaar is.
    Even geduld, uw positie in de wachtrij wordt bepaald.

    Interpretatie VPS: bijkomend onbetaald verlof als gunst voor contractuelen

    Interpretatie bij art. X 63

    Vraag:

    Het contractuele personeelslid (buiten de proeftijd) heeft op grond van art. X 63 van het VPS van 13.01.2006 recht op maximum 1 jaar onbetaald verlof. Kan het contractuele personeelslid na het opnemen van dit onbetaald verlof, nog onbetaald verlof krijgen als gunst? Telt dit bijkomend onbetaald verlof dan mee voor de geldelijke anciënniteit? Zijn er voor het contractuele personeelslid beroepsmogelijkheden indien het bijkomend onbetaald verlof wordt geweigerd?

    Antwoord:

    1. Het maximum 1 jaar onbetaald verlof dat overeenkomstig artikel X 63 geldt als recht, kan worden overschreden als gunst. De toelichting bij het art. X 63 bepaalt in dit verband dat "de mogelijkheid bestaat om op basis van de arbeidswetgeving een contract te schorsen indien de lijnmanager akkoord is (in casu wanneer de contractueel elders wil gaan werken)".
    2. Met betrekking tot deze gunst, wordt het volgende opgemerkt:
      1. De mogelijkheid om de uitvoering van de arbeidsovereenkomst te schorsen, bedoeld in de toelichting bij art. X 63, kan ook in andere gevallen worden toegepast, dan het geval waarin een tewerkstelling elders plaats vindt;
      2. Op grond van het artikel X 63, geldt het onbetaald verlof van max. 1 jaar, dat als recht wordt opgenomen als dienstactiviteit (geen verlies van geldelijke anciënniteit).

        Het VPS van 13.01.2006 omvat geen expliciete bepaling op grond waarvan het onbetaald verlof dat als gunst wordt toegekend, wordt gelijkgesteld hetzij met dienstactiviteit, hetzij met non-activiteit. Als gevolg hiervan geldt art. X 3: "Het personeelslid wordt voor de vaststelling van zijn administratieve toestand altijd geacht in dienstactiviteit te zijn behoudens uitzonderlijke bepaling die hem in non-activiteit plaatst". Aangezien er geen uitdrukkelijke bepaling is volgens welke onbetaald verlof (gunst), non-activiteit is, geldt ook het onbetaald verlof (gunst), als dienstactiviteit. Het telt dus mee voor de geldelijke anciënniteit.

        [Zie ook rondzendbrief DVO/BZ/P&O/2007/8:
        a) punt II 1.2.1.3, 5°: "Met werkelijke diensten worden gelijkgesteld, voor zover zij deel uitma(a)k(t)-en van een periode van contractueel dienstverband: de periodes van onbetaald verlof … behalve de periodes van non-activiteit". Aangezien er geen uitdrukkelijke bepaling is die de contractuelen van wie de arbeidsovereenkomst is geschorst, in non-activiteit plaatst, is de formulering "behalve de periodes van non-activiteit", wat betreft het onbetaald verlof (gunst) van geen betekenis.
        b) Punt II 1.4, 2° bepaalt dat "niet met werkelijke diensten worden gelijkgesteld: wat de diensten betreft gepresteerd als bij arbeidsovereenkomst in dienst genomen personeelslid: de periodes van schorsing die niet bezoldigd zijn en niet voor salarisverhoging in aanmerking komen". Bij ontstentenis van een bepaling die onbetaald verlof (gunst) kwalificeert als non-activiteit, valt het onbetaald verlof (gunst), dus ook niet onder punt II 1.2.4.2°.]

      3. Het VPS van 13.01.2006 regelt enkel het recht op onbetaald verlof, niet het onbetaald verlof dat overeenkomstig de toelichting bij wijze van conventionele schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst wordt toegekend. Het kan dan ook niet de bedoeling zijn om de conventionele schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst, op veralgemeende wijze mogelijk te maken. Slechts in uitzonderlijke gevallen, en om dwingende redenen, kan onbetaald verlof als gunst worden toegekend. Indien de conventionele schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst enkel als bedoeling heeft het personeelslid een blijvend vangnet te bieden voor eventueel verkeerd lopende tewerkstellingen bij een andere werkgever, moet zij geweigerd worden. Het is immers niet de bedoeling om aan contractuelen in dit verband, meer faciliteiten te bieden dan aan statutairen. Voor deze laatsten is het onbetaald verlof veel stringenter gereglementeerd (slechts 1 jaar gelijkstelling met dienstactiviteit).
    3. Contractuelen kunnen geen beroep aantekenen tegen onbetaald verlof dat een gunst is.

    naar boven