chat-altchatcrossloginquestion-circlesearchsmileystarthumbup-downwarning
Vlaanderen
Contacteer ons
    Terug naar overzicht Stuur een e-mail

    Stuur een e-mail naar 1700, de informatiedienst voor al uw vragen aan de overheid.
    U ontvangt een kopie van uw bericht.

    Terug naar overzicht Chat met ons
    Uw chatgesprek wordt automatisch gestart zodra er een medewerker beschikbaar is.
    Even geduld, uw positie in de wachtrij wordt bepaald.

    Toelichting bij Deel III. Rekrutering en selectie van het personeel - Hoofdstuk 1

    Hoofdstuk 1. Toegangsvoorwaarden via externe aanwerving

    Toelichting bij Art. III 1

    § 1 - eerste lid.

    een gedrag in overeenstemming met de eisen van de betrekking
      Het bewijs dat een dat een kandidaat een gedrag heeft in overeenstemming met de eisen van de betrekking wordt doorgaans geleverd door een uittreksel uit het strafregister. Iedere inwoner, Belg of niet-Belg, kan een uittreksel uit het strafregister aanvragen voor zichzelf. Voor kandidaten met een andere nationaliteit dan de Belgische is dit enkel een bewijs dat men geen strafrechtelijke veroordelingen in België heeft opgelopen. Het zegt niets over eventuele veroordelingen opgelopen in het land van herkomst. Zij kunnen dit bewijs leveren door een evenwaardig document uitgereikt door een gerechtelijke of overheidsinstantie van het land van herkomst. Voor (kandidaat-) vluchtelingen kan het onmogelijk zijn om dergelijk document voor te leggen, omwille van de situatie in hun land van herkomst. Bij uitzondering kan in dit geval een verklaring op erewoord voorgelegd worden.
    Voor veiligheidsfuncties of functies die bijzondere eisen stellen (bv. bij omgang met minderjarigen in de jeugdinstellingen, bij uitoefenen van elektronisch toezicht, …), kan de lijnmanager evenwel steeds in het selectiereglement laten opnemen dat een uittreksel uit het strafregister vereist is.[32]
    de burgerlijke en politieke rechten genieten
    Een kandidaat moet alle burgerlijke en politieke rechten genieten om in aanmerking te komen voor een functie bij de Vlaamse overheid. De controle van deze voorwaarde gebeurt aan de hand van een uittreksel uit het strafregister of een evenwaardig document van het land van herkomst. In voorkomend geval moet ook worden opgenomen in de verklaring op erewoord dat men geen burgerlijke en politieke rechten ontnomen is in het land van herkomst.[32]
    opgeheven[34]
    De vroegere toelatingsvoorwaarde inzake het voldoen aan de dienstplichtwetten - die voortvloeide uit het intussen voor de Vlaamse overheid opgeheven APKB – wordt opgeheven. Deze voorwaarde kon immers een drempel vormen voor de tewerkstelling van personen van buitenlandse herkomst bij de Vlaamse overheid. Het voldoen aan de dienstplichtwetten is soms onmogelijk voor personen die gevlucht zijn uit hun land van herkomst. Bovendien werd de legerdienst in België in 1994 (dus al meer dan 20 jaar geleden) opgeschort.[34]
    de medische geschiktheid bezitten vereist voor de functie conform artikel 1, § 3, 4° van het intussen opgeheven[32] APKB.
    Deze bepaling moet samen gelezen worden met de welzijnswetgeving: alleen voor de functies waarvoor het op basis van de welzijnswetgeving vereist is om de medische geschiktheid voorafgaand te laten onderzoeken, kan men de medische geschiktheid als een toelatingsvoorwaarde laten gelden. Het is niet toegelaten om een veralgemeend medisch onderzoek in te richten voorafgaand aan de aanwerving.[32]

    Wie de toelatingsvoorwaarden controleert is een organisatorische kwestie (taakzetting van de entiteiten).

    * * *

    Sommige buitenlandse werknemers moeten aan een aantal bijkomende criteria voldoen, zoals het beschikken over een geldig paspoort, een verblijfsvergunning, een arbeidskaart, erkenning diploma, … (voor meer informatie kan u terecht op de website http://www.belgium.be/nl/werk/loopbaanbeheer/komen_werken_in_belgie/).[12]

    * * *

    Zowel voor statutaire als contractuele functies moet een kandidaat bewijzen dat hij Nederlands kent. Dit bewijs wordt geleverd door een Nederlandstalig diploma op minstens het niveau van de functie, of door een taalexamen “artikel 7” van Selor voorafgaand aan de deelname aan de selectieprocedure.[12]

    * * *

    In het kader van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk worden [33] verplichte aanwervingsonderzoeken verricht door de arbeidsartsen van de Externe Diensten voor de Preventie en Bescherming op het Werk voor welbepaalde categorieën van personeelsleden.

    Meer bepaald worden, krachtens artikel I.4-25 van de Codex over het welzijn op het werk, de volgende werknemers aan een voorafgaande gezondheidsbeoordeling onderworpen: de werknemers die in dienst worden genomen om te worden tewerkgesteld in een veiligheidsfunctie, een functie met verhoogde waakzaamheid, een activiteit met welbepaald risico of een activiteit verbonden aan voedingswaren. Daarnaast zijn er nog bepaalde categorieën werknemers met bijzonder risico wegens hun grotere kwetsbaarheid of gevoeligheid, gebrek aan ervaring, verschillende ontwikkeling en voor wie bijzondere maatregelen inzake bescherming en toezicht op de gezondheid moeten worden getroffen m.n. mindervalide werknemers, de jongeren …

    * * *

    De onderzoeken worden aangevraagd door elk beleidsdomein (entiteit), strategische adviesraad of het Gemeenschapsonderwijs apart, i.p.v. door de Vlaamse gemeenschappelijke selector.

    Ook het contractuele personeelslid dient een voorafgaande gezondheidsbeoordeling te ondergaan in de door artikel I.4-25, 1° van de Codex over het welzijn op het werk opgelegde gevallen.[32]

    § 2. In het intussen opgeheven[32] APKB werd de bepaling geschrapt dat de federale medische dienst (Sociaal-medische rijksdienst) de vereiste medische geschiktheid controleert.

    § 3. Als gevolg van artikel I.4-25, 1° van de Codex over het welzijn op het werk dienen de personeelsleden die in dienst genomen worden om te worden tewerkgesteld in een veiligheidsfunctie, een functie met verhoogde waakzaamheid of een activiteit met welbepaald risico[32], een voorafgaande gezondheidsbeoordeling te ondergaan. De preventieadviseur-arbeidsgeneesheer dient zijn beslissing betreffende de geschiktheid van het personeelslid te nemen en mee te delen aan het personeelslid en de lijnmanager vooraleer de arbeidsovereenkomst wordt afgesloten of het personeelslid effectief tewerkgesteld wordt in de betrokken functie.

    Als gevolg van artikel I.69, § 1 van de Codex over het welzijn op het werk is het verboden een personeelslid te werk te stellen of te blijven tewerkstellen in een veiligheidsfunctie, een functie met verhoogde waakzaamheid of activiteiten waaraan een risico voor blootstelling aan ioniserende stralingen is verbonden, wanneer hij door de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer hiervoor ongeschikt werd verklaard (desgevallend ander werk geven of niet in dienst nemen of ontslaan).

    * * *

    § 4. Nationaliteitsvoorwaarde
    Het vast openbaar ambt is toegankelijk voor onderdanen van:

    - de 28 lidstaten van de Europese Unie (EU) (maken allen tevens deel uit van de Europese Economische Ruimte (EER));
    - Noorwegen, Liechtenstein en IJsland (maken deel uit van de EER, maar zijn geen EU-lidstatten);
    - Zwitserland (maakt geen deel uit van de EER en is geen EU-lidstaat).

    De 28 EU-lidstaten zijn: België, Bulgarije, Cyprus, Denemarken, Duitsland, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, Ierland, Italië, Kroatië, Letland, Litouwen, Luxemburg, Malta, Nederland, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slovenië, Slowakije, Spanje, Tsjechië, Verenigd Koninkrijk, Zweden.[32]

    De eigen nationaliteit kan - conform de voorrang van het Europees gemeenschapsrecht boven het nationaal recht - enkel als voorwaarde opgelegd worden[32] voor gezagsfuncties en functies strekkende tot bescherming van de algemene belangen van een openbaar lichaam. Dit is echter geen verplichting.

    Niettemin wordt in dit besluit toch nog een nationaliteitsvereiste (Belg zijn) opgelegd voor ambten die een (on)rechtstreekse deelneming aan de uitoefening van het openbaar gezag inhouden of die werkzaamheden omvatten strekkende tot bescherming van de algemene belangen van de Vlaamse Gemeenschap, omdat het steeds de bedoeling is geweest dit te respecteren bij de aanwerving.
    De oorspronkelijk voorgenomen werkwijze, om dit over te laten aan de lijnmanager via de functiebeschrijving, wordt verlaten omdat dit geen garantie biedt dat de voorgenomen beleidslijn ook effectief wordt gevolgd (cfr. tevens advies IF dd. 27 juli 2005).
    Het op algemene wijze toegankelijk maken tot het vast openbaar ambt voor niet-onderdanen van een EER-lidstaat is evenwel in strijd met de Grondwet, behoudens de uitzonderingen bij decreet bepaald. Het effectief openstellen van statutaire betrekkingen voor niet-EER-onderdanen moet derhalve wachten op de aanpassing van art. 10, tweede lid GW.

    In tegenstelling tot de statutaire functies kunnen de contractuele functies worden ingenomen door zowel EER-onderdanen als niet-EER-onderdanen.

    Toelichting bij Art. III 2

    Het stellen van een maximum leeftijdsgrens bij rekrutering en selectie is verboden op grond van de Europese richtlijn 86/378/EEG van de Raad van 24 juli 1986 betreffende de tenuitvoerlegging van het beginsel van de gelijke behandeling van mannen en vrouwen in ondernemings- en sectoriële regelingen inzake sociale zekerheid. Dit verbod geldt zowel voor de privé-sector als voor de publieke sector. Ook al heeft deze Europese richtlijn geen rechtstreekse werking, toch wordt de strekking gevolgd voor de diensten van de Vlaamse overheid.

    Volgende algemene aanwervingsvoorwaarden gelden om als personeelslid te kunnen in dienst treden:

    in het bezit zijn van het vereiste diploma overeenstemmend met het administratief niveau van de functie (zie art. III 4) of een ervaringsbewijs of toegangsbewijs (zie art. III 3, § 2) voor diezelfde functie[17];
    Net als kandidaten met het geschikte diploma, mogen kandidaten met een geschikt ervaringsbewijs of toegangsbewijs sowieso deelnemen aan de selectieprocedure, ook als het geen EVC-procedure betreft (deze kandidaten mogen niet uitgesloten worden). Enkel een ervaringsbewijs waarover een protocol wordt gesloten in het Sectorcomité XVIII omdat het relevant is voor de diensten van de Vlaamse overheid (functies binnen de Vlaamse overheid of waarbij de Vlaamse overheid zich aansloot, voorbeeld ICT-ondersteuner, poetshulp, arbeidsconsulent, of industrieel elektrotechnisch installateur), komt in aanmerking. Momenteel betreft het enkel het protocol nr. 269.880 van 9 februari 2009 over functies die in aanmerking komen voor een ervaringsbewijs, maar periodiek zal de lijst van protocol 269.880 via onderhandeling in het Sectorcomité XVIII aangevuld worden met nieuwe voor de Vlaamse overheid relevante ervaringsbewijzen.
    slagen voor een objectieve selectieproef.

    Objectieve selectieproef: dit geldt ook zowel voor ambtenaren als contractuelen
    De gelijke toegang tot het openbaar ambt wordt bij de instroom gelegd voor ambtenaren en contractuelen (d.w.z. via openbare bekendmaking), eventueel met gescheiden circuits, maar met rekrutering en selectie op dezelfde manier (d.w.z. op basis van dezelfde competentietesten via een objectief wervingssysteem dat de nodige garanties biedt inzake gelijkheid). De selectoren zullen via normen en standaarden hiervoor moeten zorgen; zoniet is de facilitering van de vaste benoeming niet van toepassing.

    Op voormeld principe wordt een uitzondering geformuleerd voor vervangingscontractuelen en tijdelijke en uitzonderlijke opdrachten met een arbeidsovereenkomst van maximum 1 jaar en uitzonderlijk verlengbaar met maximaal één jaar[12], de startbanen, topsporters en hun omkadering[12] en de doctoraatsbeurzen. In deze gevallen is bij aanwerving ook geen combinatie van invullingswijzen verplicht, en kan de lijnmanager optreden als selector.[2]

    Toelichting bij Art. III 3

    § 1. [17] Het intussen opgeheven[32] APKB bepaalt dat van de koppeling administratief niveau-diploma voorafgaand aan de vergelijkende selectie, door de bevoegde overheid (lees: voor de Vlaamse Gemeenschap: de lijnmanager)[8], na het advies te hebben ingewonnen van de instantie die instaat voor de selectie (lees: selector/Selor), bij gemotiveerde beslissing kan worden afgeweken in geval van schaarste op de arbeidsmarkt. De mogelijkheid om af te wijken van de diplomavoorwaarde in geval van schaarste op de arbeidsmarkt wordt geregeld in artikel III 3, §1[17] VPS, ook al wordt de term 'schaarste op de arbeidsmarkt' niet meer letterlijk opgenomen.[8]

    In uitvoering van het sectoraal akkoord 2008-2009 (punt 3.4.) werd artikel III 3, §1[17] VPS in die zin gewijzigd dat een lijst van knelpuntfuncties binnen de diensten van de Vlaamse overheid wordt vastgesteld door de Vlaamse minister bevoegd voor de bestuurszaken (na onderhandelingen met het Sectorcomité XVIII)), na advies van de voornaamste selectoren (Selor, Agentschap Overheidspersoneel[29], MOD’s) over alle functies op de voorgestelde lijst[9]. De lijst kan[17], na onderhandeling in het Sectorcomité XVIII, geactualiseerd worden door toevoeging of schrapping van functies.
    De beslissing over het afwijken van de diplomavoorwaarde gebeurt voorafgaand aan de selectie. De lijnmanager beslist of hij wil afwijken van de diplomavoorwaarde of niet.[9] Hij kan afwijken indien de functie voorkomt op de lijst van knelpuntfuncties.[8] De selector beoordeelt de competenties van de kandidaten tijdens de selectieprocedure (bijvoorbeeld op basis van een cv-screening, via een test, ...).[17]

    § 2. Naast de regeling om af te wijken van de diplomavoorwaarde voor knelpuntfuncties, is er een afwijkingsregeling voor kandidaten zonder diploma, studiegetuigschrift, ervaringsbewijs of toegangsbewijs.[17]

    Kandidaten met een diploma, studiegetuigschrift, ervaringsbewijs of toegangsbewijs mogen sowieso deelnemen aan de selectieprocedure (artikel III 2, 1° VPS). De lijnmanager kan voortaan uitzonderlijk een afwijking hiervan opnemen in het selectiereglement. De lijnmanager moet de beslissing om af te wijken met redenen omkleden (op basis van het intussen opgeheven[32] APKB). Het is evident dat er voor gereglementeerde beroepen geen afwijking kan worden toegestaan.[17]

    De lijnmanager motiveert waarom kandidaten zonder diploma, studiegetuigschrift, ervaringsbewijs of toegangsbewijs in aanmerking worden genomen voor de vacature en neemt deze motivering op in het selectiedossier. Uit de motivering moet blijken dat er een redelijk vermoeden van meerwaarde van deze procedure bestaat. Dit zal het geval zijn wanneer de lijnmanager op een overtuigende wijze aantoont dat zonder toelating van kandidaten die niet beschikken over een diploma, studiegetuigschrift, ervaringsbewijs of toegangsbewijs voor die functie, er

    • hetzij te weinig goede en gemotiveerde kandidaten verwacht worden, bijvoorbeeld
      • omdat eerdere oproepen voor de betrokken functie tot kandidaten met het vereiste diploma, studiegetuigschrift, ervaringsbewijs of toegangsbewijs geen of onvoldoende geschikte kandidaten opleverden om de betrekking effectief in te vullen;
      • omdat uit de arbeidsmarktgegevens voor de betrokken functie in de betrokken standplaats een krapte naar voor komt;
      • ….
    • hetzij meerdere kandidaten met belangrijke EVC-ervaring die een meerwaarde voor de functie-invulling en de samenstelling van het personeelsbestand zouden kunnen betekenen, niet zouden kunnen deelnemen, bijvoorbeeld
      • door dit te linken aan de diversiteitsdoelstellingen en de ervaringen n.a.v. concrete acties in het kader van het diversiteitsbeleid van de betrokken entiteit;
      • voor het aantrekken, in het kader van de doelstellingen voor de tewerkstelling van allochtonen, van personen die houder zijn van een buitenlands diploma dat (nog) niet of op een lager niveau is erkend[1]. Nieuwe Vlamingen worden vaak niet aangeworven omdat ze hun diploma hebben behaald in het buitenland en dit diploma door NARIC niet wordt aanvaard, of dat de NARIC-procedure nog lopende is op datum van de uiterste inschrijfdatum voor een vacature.
      • voor het aantrekken, inzonderheid in het kader van het doelgroepenbeleid van de betrokken entiteit, van kandidaten met relevante praktijkervaring bij andere overheden of de private sector zonder het specifieke diploma, studiegetuigschrift, ervaringsbewijs of toegangsbewijs, maar die door jarenlange bijzondere beroepservaring voor de betrokken functies de vereiste basiscompetenties verworven heeft;
      • door dit te linken aan het doorstromingsbeleid van de betrokken entiteit voor personeelsleden van de Vlaamse overheid tewerkgesteld in een ander niveau die over relevante ervaring voor de vacante functie beschikken;
      • …[17]

    Het selectiereglement vermeldt welke diploma’s, studiegetuigschriften, ervaringsbewijzen of toegangsbewijzen toegang geven tot de selectieprocedure en dat kandidaten die beschikken over elders verworven competenties in aanmerking genomen kunnen worden om deel te nemen aan de procedure.[17]

    De lijnmanager kan er niet voor kiezen om enkel kandidaten zonder diploma toe te laten (kandidaten met het normaal vereiste diploma moeten altijd toegelaten worden). Voor de diplomabonificatie (pensioenregeling overheidssector: validering studiejaren) is het noodzakelijk dat zowel de normale diplomavereiste als de afwijking wordt opgenomen in het selectiereglement. Zonder de vermelding van de normale diplomavoorwaarde kan een ambtenaar, die wel in het bezit is van het diploma, maar geselecteerd werd op basis van een selectiereglement zonder of lagere diplomavoorwaarde, niet in aanmerking komen voor de diplomabonificatie.[17]

    Kandidaten kunnen hun competenties verworven buiten diploma staven aan de hand van bewijsmateriaal dat ze verzamelen in een portfolio, waarna onafhankelijke beoordelaars, aangeduid door de VDAB, de competenties vaststellen (herkennen). Bij een positieve beoordeling van het portfolio mag een kandidaat zonder het vereiste diploma, studiegetuigschrift, ervaringsbewijs of toegangsbewijs deelnemen aan de selectieprocedure voor aanwerving bij de diensten van de Vlaamse overheid. De VDAB neemt de rol op van regisseur in het hele beoordelingstraject van de portfolio’s.[17]

    Onder toegangsbewijs van de VDAB wordt hier verstaan het document waarin de VDAB verklaart dat uit het portfolio blijkt dat een kandidaat beschikt over de voor de functie gevraagde competenties. Dit toegangsbewijs geeft de kandidaat toegang tot de selectieprocedure voor die functie.[17]

    De Vlaamse minister, bevoegd voor de bestuurszaken, licht bij omzendbrief de regelgeving van het VPS en de procedure bij de VDAB verder toe, om willekeur en ongelijke behandeling te voorkomen. Indien na evaluatie van de procedure zou blijken dat dit nodig is, kan de minister verdere details opnemen in een ministerieel besluit.[17]

    Het toegangsbewijs is 7 jaar geldig voor eenzelfde functie binnen de diensten van de Vlaamse overheid.[17]

    Na de aanwerving wordt geen verschil gemaakt tussen personeelsleden die met een diploma werden aangeworven, en zij die op basis van een ervaringsbewijs of toegangsbewijs werden aangeworven. Zij hebben gelijke kansen op horizontale mobiliteit en bevordering, tenzij in de uitzonderlijke gevallen dat het VPS daarvoor een specifiek diploma vereist.[17]

    § 3[17]. Voorheen was bepaald dat van de diplomavoorwaarde kon afgeweken worden in overeenstemming met Selor. Gelet op het hiervoor geschetste organisatorisch gegeven (selector(en) met betrokkenheid Selor waar dit juridisch verplicht is) en de lineariteit 1 diplomasoort - 1 niveau, kunnen de exhaustief opgesomde afwijkingen volstaanEen basisprincipe om de interne markt te promoten is dat bij externe opvulling ook internen moeten kunnen meedoen. Uiteraard kan dit steeds onder dezelfde voorwaarden, maar dit houdt geen facilitering in.

    Derhalve wordt een vrijstelling van diplomavoorwaarde bedongen indien men van functie wil veranderen binnen het niveau waartoe de huidige functie behoort en de functie die te begeven is, bv. via overgangsexamens[6] kan men een functie in niveau A bekleden, zonder universitair diploma. Bij externe werving in niveau A kan men meedingen zonder in het bezit van een universitair diploma te moeten zijn (zowel ambtenaar als contractueel). Dit geldt evenwel niet als specifieke diploma's vereist worden zoals licentiaat rechten, ingenieur, ... doch enkel voor algemene kwalificaties.

    § 4. - opgeheven[32]

    Deze paragraaf werd opgeheven, maar de inhoud ervan werd behouden in de overgangsmaatregel van artikl III 22 derde lid. Wie meedingt voor een betrekking (contractueel of vast) en reeds een generieke screening doormaakte (ten vroegste vanaf de inwerkingtreding van het VPS), werd vrijgesteld van de generieke rekrutering voor die betrekking (ook al zou de inhoud van de generieke test inmiddels wijzigingen ondergaan hebben) gedurende 7 jaar. In overgang wordt de vrijstelling behouden voor de resterende duur van zeven jaar.[32]

    Toelichting bij Art. III 4

    Conform het intussen opgeheven[32] APKB correspondeert met de toegang tot een niveau een bepaald diploma.

    De huidige regelingen worden behouden, waarbij de functies behoren tot graden en rangen die worden ingedeeld in administratieve niveaus op grond van het diplomaniveau (toelichting bij het intussen opgeheven[32] APKB art. 9):[2]

    niveau A: master [39] of gelijkgesteld[2]
    niveau B: bachelor of gelijkgesteld[39]
    niveau C: secundair of gelijkgesteld
    niveau D: geen diplomaverplichting

    In uitvoering van het decreet van 4 april 2003 betreffende de herstructurering van het hoger onderwijs werden geleidelijk van academiejaar tot academiejaar de graden van bachelor en master ingevoerd.[39]

    Ingevolge deze BAMA-hervorming van het hoger onderwijs is het niet meer correct om te stellen dat universitair onderwijs automatisch leidt tot een diploma dat toegang geeft tot niveau A. Universitair onderwijs kan ook leiden tot een professionele bachelor die toegang geeft tot niveau B.  Een diploma van universitair onderwijs vormt dus geen garantie dat het om een master gaat.[39]

    Toelichting bij Art. III 5

    Voor specifieke functies kan het noodzakelijk zijn om omwille van de aard van de functie, op basis van functiebeschrijving en competentieprofiel, bijzondere eisen te stellen inzake diploma of getuigschrift (specialiteit), ervaring, lichamelijke geschiktheid (bv. loodsen) of bv. een minimumleeftijd,...

    Het is de lijnmanager[9] die de bevoegdheid heeft om deze kwalitatieve eisen te stellen, maar dit zal steeds in overleg met de selector[9] gebeuren.


    [1] a) kandidaten die hun diploma in het buitenland behaalden (Belgen en buitenlanders, moeten voor hun diploma een verklaring van gelijkwaardigheid aanvragen bij het Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming om aangeworven te kunnen worden op basis van dit diploma, maar vaak zijn ze daar niet van op de hoogte of vernemen ze het pas bij een concrete sollicitatie. Te laat dus, want de procedure tot gelijkwaardigheidsverklaring neemt een paar maanden in beslag. Zij worden uitgesloten van de selectie in kwestie, waardoor potentieel talent verloren gaat. Het is ook niet altijd evident om voor de gelijkwaardigheidsverklaring de nodige bewijsstukken uit het buitenland vast te krijgen (vb. door oorlog).

    b) kandidaten die hun diploma niet in het Nederlands behaalden (vb. buitenlands of Waals diploma) moeten een taalexamen afleggen bij Selor om hun kennis van het Nederlands te bewijzen. Veel kandidaten zijn daar niet of te laat van op de hoogte, of slagen niet (zelfs als hun moedertaal Nederlands is). Zij worden uitgesloten van de selectie in kwestie, waardoor potentieel talent verloren gaat. Dit neemt niet weg dat de kennis van het Nederlands ook bij een EVC-procedure moet bewezen worden, hetzij aan de hand van het diploma, hetzij aan de hand van een examen bij Selor. Terug tekst