chat-altchatcrossloginquestion-circlesearchsmileystarthumbup-downwarning
Vlaanderen
Contacteer ons
    Terug naar overzicht Stuur een e-mail

    Stuur een e-mail naar 1700, de informatiedienst voor al uw vragen aan de overheid.
    U ontvangt een kopie van uw bericht.

    Terug naar overzicht Chat met ons
    Uw chatgesprek wordt automatisch gestart zodra er een medewerker beschikbaar is.
    Even geduld, uw positie in de wachtrij wordt bepaald.

    Deel III. Rekrutering en selectie van het personeel - Hoofdstuk 4 en 5

    Hoofdstuk 4. Benoeming tot ambtenaar

    Toelichting bij Art. III 21

    Eén van de toelatingsvoorwaarden die vervuld moeten zijn, is de lichamelijke geschiktheid van artikel III 1, § 1, 4° (de medische geschiktheid bezitten die vereist is voor de uit te oefenen functie).[9]

    Indien men gerekruteerd wed voor een vaste betrekking wordt men na de proeftijd in de permanente functie (via de graadbenaming) vastbenoemd.

    In een tijdelijke functie wordt men contractueel aangesteld (voor vooraf bepaalde tijd of voor een beperkte maar vooraf onbepaalde tijd, d.w.z. met een contract voor bepaalde of onbepaalde duur) met een bepaalde proeftijd.

    Benoeming onder voorbehoud gedurende maximum twee jaar (artikel 10 van het koninklijk besluit van 13 mei 1999 tot regeling van het medisch toezicht op het personeel van sommige overheidsdiensten) vervalt gelet op het afschaffen van de algemene aannemingsonderzoeken.

    naar boven

    Hoofdstuk 4bis - opgeheven[32]

    Art. III 21bis - opgeheven[32]

     

    Hoofdstuk 5. Overgangsbepalingen

    Toelichting bij Art. III 21ter

    Artikel 87, § 2, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen (BWHI) legt op dat het vastbenoemd personeel van de administratie van iedere Regering wordt aangeworven door bemiddeling van het Vast Secretariaat voor werving van het Rijkspersoneel (Selor). Door middel van een samenwerkingsprotocol tussen Selor en de Vlaamse overheid kan de Vlaamse overheid die statutaire aanwervingsprocedures voor de ministeries zelf uitvoeren.[29]

    Artikel III 21ter VPS kent deze opdracht aan het Agentschap Overheidspersoneel toe. Het Selectiekwaliteitscomité zal waken over de kwaliteit van de selecties – zie nieuw artikel I 14octies en verder.[29]

    Toelichting bij Art. III 22

    Artikel III 3, § 4 voorzag een vrijstelling van de generieke test bij aanwerving, die geldig was gedurende 7 jaar vanaf de datum van deze generieke test. Vanaf1 juli 2016 wordt de vrijstelling voor het generieke gedeelte geschrapt en wordt er toepassing gemaakt van het niet nodeloos hertesten waarbij de lijnmananager/selector kan beslissen dat één of meerdere selectieonderdelen niet opnieuw moeten afgelegd worden. Voor wie op basis van art. III 3 § 4 en art. III 22 een vrijstelling had voor het generieke gedeelte, wordt een overgangsmaatregel ingevoerd (vrijstelling voor de competenties waarvoor men getest en vrijgesteld is op basis van een eerdere generieke test) en dit voor de resterende duur van de lopende vrijstelling. Ook personen die onbeperkt werden vrijgesteld van het generieke gedeelte, behouden die vrijstelling levenslang. Het gaat onder meer over de geslaagden van de generieke proeven voorzien in het sectoraal akkoord 2005-2007. Dit artikel somt op welke personen beschikken over een vrijstelling van het generieke gedeelte bij aanwerving, hetzij onbeperkt, hetzij voor de resterende duur van de periode van zeven jaar.[32]

    Toelichting bij Art. III 23

    De aanwervingsprocedures gestart bij de Vlaamse overheid (MVG, WI, VOI, ...) worden verdergezet volgens de vroegere reglementaire bepalingen (VPS, PSWI, Stambesluit, specifieke rechtspositie,...). Uiteraard zal het zo zijn dat de bevoegde overheden (bv. om te benoemen) na de inwerkingtreding van BBB kunnen verschillen.[2]

    Toelichting bij Art. III 24

    De samenvoeging van reserves, per graad of per functiespecialiteit, in een gemeenschappelijke reserve zoals oorspronkelijk voorzien in het VPS blijkt in de praktijk niet werkbaar. Zo zijn er bijvoorbeeld verschillende reserves waaraan een rangschikking gekoppeld is. Deze kunnen niet samengevoegd worden.[9]

    Daarom werd de samenvoeging vervangen door de mogelijkheid om de geldigheidsduur van de 'oude' reserves (nog geldig bij inwerkingtreding van het VPS) - waarvan de geldigheidsduur nog niet verstreken is op datum van 1 januari 2009 – te verlengen, omdat bij samenvoeging van deze reserves ook een nieuwe geldigheidsduur zou bepaald worden voor de samengevoegde reserves.[9]

    Deze verlenging van reserves is vooral van belang voor generiek-specifieke en functiespecifieke reserves, gezien de onbeperkte vrijstelling die voor het generieke deel bestaat (artikel III 22). [9]

    Toelichting bij Art. III 25

    De stage (nu proeftijd) die reeds een aanvang genomen heeft vóór de uitwerkingsdatum van dit statuut, wordt voortgezet volgens de regeling die van kracht was bij de aanvang (inzonderheid de vastgelegde duur).

    Toelichting bij Art. III 26

    - opgeheven[6]

    Toelichting bij Art. III 27

    Zolang Selor de verplichte selector is voor de statutaire wervigen in de ministeries, wordt het selectiereglement voor de statutaire wervingen in de ministeries vastgesteld door de lijnmanger van het Agentschap Overheidspersoneel[28], in overleg met het lijnmanagement[2]

    Toelichting bij Art. III 28

    - opgeheven[17]

    Toelichting bij Art. III 29

    Overgangsbepaling inzake de verlengbaarheid van contracten van maximaal 1 jaar en uitzonderlijk verlengbaar die werden afgesloten voor 1 mei 2011 voor tijdelijke en uitzonderlijke personeelsbehoeften (zie toelichting bij artikel I 5, § 2).[12]

    Toelichting bij Art. III 30

    Bij toepassing van de VDAB-procedure om kandidaten zonder diploma, studiegetuigschrift, ervaringsbewijs of toegangsbewijs een kans te geven (artikel III 3, §2) gedurende de periode van 1 oktober 2012 tot 31 december 2014, moet het selectiereglement onderhandeld worden in het Sectorcomité XVIII.[17]

    Dit is een uitdovende overgangsbepaling. Met de vakorganisaties werd overeengekomen om de VDAB-procedure na 31 december 2014 te evalueren.[17]

    Toelichting bij Art. III 31

    Bevorderingsprocedures en projectleidersfuncties zijn enkel toegankelijk voor contractuele personeelsleden die geslaagd zijn voor een objectief wervingssysteem met algemene bekendmaking zoals bepaald in deel III VPS.

    Onder algemene bekendmaking werd tot 31 oktober 2014 (t.e.m. het BVR van 3 oktober 2014) de publicatie van de vacature in het Belgisch Staatsblad verstaan.
    In praktijk worden we geconfronteerd met contractuele personeelsleden die slaagden voor een selectie die voldoet aan alle voorwaarden van het objectief wervingssysteem, maar waarvan de vacature niet in het Belgisch Staatsblad werd gepubliceerd. Een deel van deze vacatures werd echter evengoed op een algemene wijze bekendgemaakt.

    In haar advies nr 59.329/3 van 8 juni 2016 erkent de Raad van State dat er ook nog andere manieren van algemene bekendmaking mogelijk zijn. In de lijn van dit advies worden vacatures die na 31 december 2005 (=datum waarop het objectief wervingssysteem ook voor het contractueel personeel werd ingevoerd) minstens op de website van de VDAB en/of de website van Jobpunt Vlaanderen werden gepubliceerd, beschouwd als zijnde selectieprocedures die voldeden aan het criterium van algemene bekendmaking.

    De website van de VDAB is bij werkzoekenden in Vlaanderen algemeen bekend. Ook de website van Jobpunt Vlaanderen kan men, voor de periode tussen 1 januari 2006 en 31 oktober 2014, beschouwen als een kanaal dat voldoet aan het criterium van algemene bekendmaking. Deze website was tijdens voormelde periode in Vlaanderen immers bekend als het kanaal bij uitstek om kennis te nemen van de vacatures van de Vlaamse overheid, over de entiteiten en beleidsdomeinen heen (vergelijkbaar met hetgeen de website van Selor betekent voor de federale overheid). Bovendien voldeden in principe de selecties afgenomen door Jobpunt Vlaanderen aan alle andere vereisten gesteld door een objectief wervingssysteem.

    Uit het advies van de Raad van State blijkt echter dat deze zich er niet mee akkoord kan verklaren om selecties gepubliceerd in de gespecialiseerde pers te beschouwen als selecties die algemeen bekend gemaakt werden. Sommige vaktijdschriften hebben immers slechts een beperkte oplage en zijn weinig ruim verspreid. Ook publicatie op websites van entiteiten voldoet volgens de Raad van State niet aan de vereiste van algemene bekendmaking omdat, hoewel deze sites voor iedereen toegankelijk zijn, het te betwijfelen valt of het algemeen bekend is wanneer die websites een selectieprocedure bekendmaken.

    Vanaf 1 januari 2018 bevat de overgangsregeling een tweede lid dat alleen geldt voor contractuele personeelsleden die vóór hun indiensttreding of overheveling geslaagd zijn voor een contractuele selectie van een andere overheid die gepubliceerd werd op de website van Selor, de Vlaamse Vereniging voor Steden en Gemeenten, de VDAB of Jopunt Vlaanderen. Daardoor kunnen deze personeelsleden desgevallend in aanmerking komen voor deelname aan een selectieprocedure bij de diensten van de Vlaamse overheid die het geslaagd zijn voor een objectief wervingssysteem vereist. De opgenomen kanalen gelden voor deze personeelsleden als kanalen die voldoen als algemene bekendmaking. Deze overgangsregeling geldt alleen voor selecties die dateren van na 1 januari 2006 omdat op deze datum het objectief wervingssysteem werd ingevoerd in het Vlaams Personeelsstatuut.[36]

    Toelichting bij Art. III 32

    Op grond van artikel III 19 wordt aan ontslagen ambtenaren op proef met een (statutaire of contractuele) terugvalpositie binnen de diensten van de Vlaamse overheid geen arbeidsovereenkomst voor een bepaalde duur van drie maanden aangeboden. Deze regel is echter niet van toepassing op de statutaire proeftijden die effectief zijn aangevat voor 1 juli 2016.[32]

    naar boven