chat-altchatcrossloginquestion-circlesearchsmileystarthumbup-downwarning
Vlaanderen
Contacteer ons
    Terug naar overzicht Stuur een e-mail

    Stuur een e-mail naar 1700, de informatiedienst voor al uw vragen aan de overheid.
    U ontvangt een kopie van uw bericht.

    Terug naar overzicht Chat met ons
    Uw chatgesprek wordt automatisch gestart zodra er een medewerker beschikbaar is.
    Even geduld, uw positie in de wachtrij wordt bepaald.

    Toelichting bij Deel VI. De administratieve loopbaan - Titel 8

    Titel 8. De functionele loopbaan van de ambtenaar [2]

    Hoofdstuk 1. Definitie en toepassingsgebied [2]

    Toelichting bij Art. VI 104

    De evolutie in de salarisschaal is afhankelijk van een gunstige evaluatie. Er is geen vacature nodig voor overgang tussen de salarisschalen.[2]

    Toelichting bij Art. VI 105

    Uit de opbouw van de schaalanciënniteit op basis van werkelijke diensten valt af te leiden dat tijdens de administratieve toestand non-activiteit geen schaalanciënniteit opgebouwd wordt.

    In twee gevallen is er een rechtstreeks verband tussen de functioneringsevaluatie en de loopbaanontwikkeling: in geval van "onvoldoende" wordt geen schaalanciënniteit opgebouwd; in geval van "loopbaanvertraging" wordt de schaalanciënniteit trager opgebouwd.

    De beslissing tot vertraging wordt bijzonder gemotiveerd en heeft uitwerking met ingang van 1 juli voor de duur van 12 maanden.

    Ambtenaren die in het voorbije evaluatiejaar uitstekend hebben gepresteerd ten opzichte van de verwachtingen ontvangen een functioneringstoelage (zie deel VII van dit besluit).[2]

    Toelichting bij Art. VI 106

    1° somt de gevallen op van de voltijds afwezige ambtenaar die, weliswaar niet meewerkt aan het realiseren van de doelstellingen van zijn dienst, doch niettemin elders in de overheidssector in ruime zin actief is, en dus geen beter of slechter dan normaal te verwachten prestatie wat zijn dienst betreft kan leveren. In de opgesomde gevallen kent de ambtenaar dan ook een normaal loopbaanverloop.

    Indien een ambtenaar in een bepaald jaar op zijn dienst aanwezig is en het volgend jaar bvb. vakbondsverlof bekomt, kan hij niettemin in dat laatste jaar een loopbaanvertraging krijgen aangezien de basis waarop geëvalueerd werd het voorbije jaar was waarin hij in actieve dienst was.

    2° somt de gevallen op waarin geen schaalanciënniteit opgebouwd wordt en de ambtenaar derhalve geacht wordt niet mee te werken aan het bereiken van de doelstellingen van de "dienst".

    Zo bouwt [32] de ambtenaar met verlof voor voltijdse loopbaanonderbreking geen schaalanciënniteit op. Deze ambtenaar werkt immers niet mee aan het bereiken van de doelstellingen van de dienst.

    Een uitzondering op deze regel is het voltijds ouderschapsverlof. De ambtenaar die afwezig is als gevolg van voltijds ouderschapsverlof, zal tijdens de afwezigheid wel schaalanciënniteit opbouwen en dit conform de Europese Richtlijn 2010/18/EU die stelt dat de opname van ouderschapsverlof geen invloed mag hebben op verworven rechten of op rechten in wording. Wat de overige elementen van de Richtlijn betreft, heeft een vergelijking uitgewezen dat het VPS in overeenstemming is met de Richtlijn.[32]

    Naar analogie met het voltijds verlof voor loopbaanonderbreking en de loopbaanonderbreking in het kader van een federaal zorgverlof bouwt een ambtenaar tijdens een volledige onderbreking van de loopbaan als gevolg van zorgkrediet geen schaalanciënniteit op.[33]

    De ambtenaar die [32] halftijdse loopbaanonderbreking geniet, werkt wel mee aan het bereiken van de doelstellingen van de dienst. Daarom is het verantwoord dat voor deze ambtenaar de schaalanciënniteit blijft doorlopen - naar analogie met de regeling voor de ambtenaar die een verlof voor deeltijdse prestaties, gelijkgesteld met dienstactiviteit, geniet.[2]

    punt d) opgeheven[37]

    Toelichting bij Art. VI 107

    Indien tussentijds, d.w.z. in een evaluatiejaar, de ambtenaar een bevordering krijgt in salarisschaal of graad is de normale loopbaansnelheid van toepassing, vanaf de inschaling in de nieuwe salarisschaal tot 30 juni, de dag vóór de uitwerking van een eventuele nieuwe beslissing.[2]

    Toelichting bij Art. VI 108

    De functiebeschrijving kan het overgaan tussen salarisschalen in de functionele loopbaan van een rang of het verwerven van een andere functie binnen dezelfde of hogere (loodsen) salarisschaal afhankelijk maken van bijkomende voorwaarden, andere dan schaalanciënniteit. Deze voorwaarden (brevetten, competentieproef[6], …) dienen dan wel in de functiebeschrijving van de basisgraad te worden opgenomen.[2]

    naar boven

    Hoofdstuk 2. De diverse functionele loopbanen [2]

    Toelichting bij Art. VI 109

    De salarisschaal in de functionele loopbaan bestaat uit 1 letter en 3 cijfers. De letter van het niveau en het eerste cijfer duiden de rang aan, het tweede cijfer de diploma- of functiewaardering en het derde cijfer de salarisschaal die in de functionele loopbaan bereikt werd. Het laagste cijfer duidt de laagste salarisschaal aan.

    Vb. A 111: adjunct van de directeur
      A 112: tweede salarisschaal
      A 113: derde salarisschaal
      A 114: vierde salarisschaal
       
      A 121: ingenieur
      A 122: tweede salarisschaal
      A 123: derde salarisschaal
      A 124: vierde salarisschaal
       
      C 111: medewerker
      C 112: tweede salarisschaal
      C 113: derde salarisschaal
      C 114: vierde salarisschaal

    De verdeling van de 18 jaar schaalanciënniteit in rang A1 (6 jaar, 12 jaar en 9 jaar) is anders dan in de aanvangsrangen van de andere niveaus (8 jaar, 10 jaar en 9 jaar, teneinde de ambtenaar van niveau A sneller aan de organisatie te kunnen binden.

    Aan de bevorderingsgraad worden maximum twee salarisschalen verbonden. De tweede salarisschaal wordt bereikt na 10 jaar schaalanciënniteit. Voor de maritiem verkeersleiders (aanwervingsgraad in rang 2) wordt uitzonderlijk een functionele loopbaan die bestaat uit 3 salarisschalen ingevoegd. Dit is een uitvoering van het akkoord tussen de overheid en de representatieve vakorganisaties m.b.t. een aantal lopende dossiers van de IVA Maritieme Dienstverlening en Kust.

    Niveau A:

    - rang A1:
      * een salarisloopbaan op basis van functioneringsevaluatie met 4 schalen die doorlopen worden [9] na 27 jaar en waarvan de tweede schaal bereikt wordt na [9] 6 jaar schaalanciënniteit (SA) en de derde na [9] 12 jaar schaalanciënniteit, en de vierde na 9 jaar schaalanciënniteit.
      * de ambtenaar die met het mandaat van afdelingshoofd belast wordt, behoudt tijdens het mandaat zijn functionele loopbaan.
    - rang A2:
      * de vroegere decumul van de managementstoelage met de versnelling op rang A2 voor de afdelingshoofden en de stafleden werd vervangen door de decumul van de managementstoelage met de functioneringstoelage.
    - Wetenschappelijk personeel
      In rang A1 van het wetenschappelijk personeel wordt de 10 jaar schaalanciënniteit in de basis functionele loopbaan verdeeld over 10 jaar (4 jaar en 6 jaar). Onder bepaalde voorwaarden kan nog een expert functionele loopbaan worden doorlopen over een periode van 10 jaar.

    wetenschappelijk personeel

    - basis functionele loopbaan
      A 165: attaché
      A 166: tweede salarisschaal
      A 167: derde salarisschaal
       
    - expert functionele loopbaan
      A 168: vierde salarisschaal
      A 169: vijfde salarisschaal

    wetenschappelijk personeel[2]

    § 4. Overeenkomstig artikel VI 109, § 1, 2° en artikel VII 12, § 1, 2° wordt een wetenschappelijk attaché normalerwijze aangeworven in salarisschaal A 165. Na 4 jaar schaalanciënniteit wordt hij bevorderd in de functionele loopbaan tot schaal A166 en na 6 jaar schaalanciënniteit in schaal A166 tot schaal A167.
    Overeenkomstig artikel VI 109, § 4 is voor de titularis van schaal A166 een kortere loopbaan mogelijk om schaal A167 te bekomen nl. indien men:
    - houder is van een doctoraat (of gelijkgesteld);
    - 4 jaar werkelijke prestaties in de instelling heeft
    - 6 jaar functierelevante wetenschappelijke activiteit heeft
    Het maakt daarbij geen verschil uit of men zijn doctoraat haalt extern of binnen de instelling. Steeds moet ook voldaan zijn aan de andere 2 voorwaarden zodat nooit vroeger dan na 4 jaar werkelijke prestaties in de instelling schaal A167 kan toegekend worden.[9]

    Om na te gaan of voldaan is aan de voorwaarde van 4 jaar werkelijke prestaties in de instelling wordt na BBB voor het ILVO en voor het INBO rekening gehouden met respectievelijk de prestaties binnen het vroegere CLE en het vroegere CLO en de prestaties bij het vroegere Instituut voor Bosbouw en Wildbeheer en het vroegere Instituut voor Natuurbehoud.
    Deze 4 jaar werkelijke prestaties in de instelling werden aanzien als een minimale voorwaarde om te bevorderen tot de hoogste trap van de functionele loopbaan.[9]

    De vereiste van "4 jaar werkelijke prestaties in de instelling" stelt problemen om externe wetenschappers (doctors) aan te werven.  Door deze vereiste kan hen geen hogere verloning geboden worden dan salarisschaal A166. Pas na 4 jaar komen ze dan in aanmerking voor een bevordering tot schaal A167.[9]  

    Aan contractuele personeelsleden van het Eigen Vermogen van de instelling kan onmiddellijk salarisschaal A167 aangeboden worden (buiten VPS). Wanneer ze dan later statutair worden binnen de instelling vallen ze terug naar salarisschaal A166 en moeten dan nog 4 jaar wachten vooraleer hen schaal A167 kan aangeboden worden.
    Ook wetenschappers werkzaam bij universiteiten, voelen zich daardoor niet aangetrokken tot een functie binnen de Vlaamse overheid.[9]

    Vandaar dat thans de notie "4 jaar werkelijke prestaties in de instelling" wordt uitgebreid naar "4 jaar werkelijke prestaties binnen de diensten van de Vlaamse overheid en/of de eigen vermogens van het INBO, het ILVO en het VIOE", zodat voorgaande prestaties binnen een andere entiteit van de Vlaamse overheid (zoals de Vlaamse wetenschappelijke instellingen) mee in rekening kan gebracht worden. Eigen vermogens kunnen zowel voorkomen bij een IVA zonder rechtspersoonlijkheid als bij een departement.[9]

    § 5 - opgeheven[9]

    Toelichting bij Art. VI 110

    - rang A1:
      * een basis salarisloopbaan op basis van functioneringsevaluatie met 3 schalen die doorlopen worden [9] na 10 jaar en waarvan de tweede schaal bereikt wordt na [9] 4 jaar schaalanciënniteit (SA) en de derde na [9] 6 jaar schaalanciënniteit.
      *

    mogelijkheid tot toekenning van een tweede salarisloopbaan of expert-functionele loopbaan: de (vierde) salarisschaal A 168 voor de ambtenaren van rang A1 die op basis van hun evaluatie hiervoor in aanmerking komen. Zij bekleden hiërarchisch geen andere graad.

    Aangezien het een doorgroeifunctie betreft, wordt minstens 6 jaar[9] effectieve prestatie in salarisschaal A 167 en het bezit van een doctoraat op proefschrift of een diploma of certificaat dat als gelijkwaardig wordt erkend, of het bekomen van een gelijkstelling als voorwaarde gesteld om A 168 te kunnen verkrijgen.

    De lijnmanager van de entiteit raad of instelling kent deze salarisschaal toe na advies van het managementorgaan van de entiteit, raad of instelling.

    Na [9] 10 jaar schaalanciënniteit (min. 5 jaar) in A 168 zal de ambtenaar van rang A1 de vijfde salarisschaal (A 169) bereiken[2]

    Toelichting bij Art. VI 111

    geen commentaar[2]

    naar boven