chat-altchatcrossloginquestion-circlesearchsmileystarthumbup-downwarning
Vlaanderen
Contacteer ons
    Terug naar overzicht Stuur een e-mail

    Stuur een e-mail naar 1700, de informatiedienst voor al uw vragen aan de overheid.
    U ontvangt een kopie van uw bericht.

    Terug naar overzicht Chat met ons
    Uw chatgesprek wordt automatisch gestart zodra er een medewerker beschikbaar is.
    Even geduld, uw positie in de wachtrij wordt bepaald.

    Toelichting bij Deel X. De verloven en dienstvrijstellingen - Titel 10

    Titel 10. Onbetaald verlof

    Toelichting bij Art. X 62

    De regeling inzake onbetaald verlof is dezelfde voor het statutair en contractueel personeel en ziet er als volgt uit:[37]

    1. 20 dagen onbetaald verlof[37]

    De 20 dagen onbetaald verlof zijn een recht voor zowel het statutair, als contractueel personeelslid. Het onbetaald verlof kan met afzonderlijke (losse) dagen of met een aaneengesloten periode worden opgenomen. Personeelsleden op proef zijn  van deze vorm van onbetaald verlof niet uitgesloten. Het gaat immers om losse dagen en niet om een langdurige voltijdse afwezigheid. De opname van dit verlof heeft wel een verlenging van de proeftijd voor gevolg.[37]

    De 20 dagen worden opgenomen met volle of halve dagen. De 20 dagen onbetaald verlof worden pro rata verminderd wanneer een personeelslid tijdens het jaar in dienst treedt of deeltijds gaat werken of onbetaald afwezig is. Een personeelslid dat bijvoorbeeld een volledig jaar halftijds werkt heeft in plaats van 20 dagen onbetaald verlof, recht op 10 dagen onbetaald verlof. Indien een personeelslid alsnog te veel onbetaald verlof opneemt, dan wordt dit in mindering gebracht op het onbetaald verlof van het volgende jaar. Treedt een personeelslid tijdens het jaar uit dienst en nam het te veel onbetaald verlof op, dan wordt dit niet verrekend. Het verlof was immers onbezoldigd.[37]

    2. Één jaar onbetaald verlof tijdens de loopbaan plus één jaar onbetaald verlof vanaf de leeftijd van 55 jaar[37]

    Het contingent van vijf jaar onbetaald verlof dat gold tot en met 31 december 2017 wordt vervangen door een recht op één jaar onbetaald verlof dat gedurende de volledige loopbaan kan worden opgenomen en een recht op een bijkomend jaar onbetaald verlof dat vanaf de leeftijd van 55 jaar kan worden opgenomen. Beide jaren moeten met volle maanden worden opgenomen en worden met dienstactiviteit gelijkgesteld. De opname van onbetaald verlof kan gedurende met aaneengesloten periode, maar ook met losse volle maanden. Indien een personeelslid uit dienst treedt en nadien terug in dienst treedt, dan worden beide verloftellers niet op nul gezet. Bij terug indiensttreding heeft het personeelslid aldus recht op het gedeelte van het contingent dat het nog niet heeft opgenomen.[37]

    Met volle maanden opgenomen onbetaald verlof dat in het verleden werd opgenomen, wordt wel aangerekend op het jaar dat een personeelslid gedurende de volledige loopbaan kan opnemen en wordt niet aangerekend op het jaar dat een personeelslid vanaf de leeftijd van 55 jaar kan opnemen.[37]

    Het bovenvermelde recht geldt ook voor het contractueel personeel, tenzij ze worden tewerkgesteld met een overeenkomst voor bepaalde duur of met een vervangingsovereenkomst. Voor hen zijn beide jaren een gunst, tenzij ze twee jaar ononderbroken in dienst zijn bij de diensten van de Vlaamse overheid.[37]

    Het personeelslid op proef is van beide jaren uitgesloten. Een voltijdse langdurige afwezigheid past immers niet bij de intensieve begeleiding die aan een proeftijd gekoppeld is.[37]

    Toelichting bij Art. X 63

    § 1. Een ambtenaar die binnen de diensten van de Vlaamse overheid een contract, mandaat, tijdelijke aanstelling of statutaire proeftijd opneemt, kreeg in de regeling die gold tot en met 31 december 2017 ambtshalve onbetaald verlof voor de duur van het contract, mandaat, tijdelijke aanstelling of proeftijd. In praktijk kan de entiteit die de ambtenaar statutair te werk stelt vaak gedurende lange tijd geen beroep doen op de ambtenaar in kwestie. Bovendien brengt dit voor diens eventuele vervanger gedurende een lange tijd onzekerheid met zich mee.[37]

    Gelet op het bovenstaande, maar ook gelet op het feit dat de interne mobiliteit belangrijk is voor de dynamiek van een organisatie, blijft het ambtshalve recht behouden, maar wordt de duurtijd van het verlof, beperkt tot de eerste mandaatperiode (in geval van een mandaat) of tot twee jaar (ingeval van een contract of tijdelijke aanstelling). Wat de statutaire proeftijd betreft, blijft de toekenning voor de duur van de proeftijd onverkort gelden. Deze nieuwe regeling en de daaraan gekoppelde beperking in de tijd is niet van toepassing op het ambtshalve onbetaald verlof dat voor 1 januari 2018 effectief is aangevat. Deze verloven worden toegekend voor de duur van het mandaat, de tijdelijke aanstelling of het contract.[37]

    De ambtenaar op proef blijft uitgesloten van dit verlof.[37]

    § 2. Neemt een contractueel personeelslid binnen de diensten van de Vlaamse overheid een statutaire proeftijd op, dan krijgt het voor de duur van de proeftijd onbetaald verlof in zijn contract. Indien het contractueel personeelslid na afloop van de proeftijd benoemd wordt, dan wordt zijn contract in onderling akkoord beëindigd.[37]

    naar boven