chat-altchatcrossloginquestion-circlesearchsmileystarthumbup-downwarning
Vlaanderen
Contacteer ons
    Terug naar overzicht Stuur een e-mail

    Stuur een e-mail naar 1700, de informatiedienst voor al uw vragen aan de overheid.
    U ontvangt een kopie van uw bericht.

    Terug naar overzicht Chat met ons
    Uw chatgesprek wordt automatisch gestart zodra er een medewerker beschikbaar is.
    Even geduld, uw positie in de wachtrij wordt bepaald.

    Communicatie in het nieuwe Vlaamse bestuursdecreet

    Sinds 1 januari 2019 is er een nieuw bestuursdecreet van kracht. Twaalf decreten werden geëvalueerd,  geactualiseerd en samengebracht tot een logisch geheel. Ook het openbaarheidsdecreet en het decreet over de normen voor de Vlaamse overheidscommunicatie gingen op in het nieuwe bestuursdecreet.

    Op deze pagina bespreken we wat er in het bestuursdecreet staat over overheidscommunicatie, met ook een overzicht van wat hetzelfde is gebleven. Er is ook een algemene pagina met de principes en normen voor overheidscommunicatie.

    Er is ook een aparte pagina over het bestuursdecreet met de volledige chronologie van de totstandkoming, inclusief bijhorende documenten.

    Wat is er nieuw in het ontwerp van bestuursdecreet in verband met communicatie? 

    Beter informeren over rechten en plichten 

    De Vlaamse Regering moet de burgers beter informeren over hun rechten en plichten. Nu komt veel informatie niet terecht bij de juiste doelgroep, of niet snel genoeg. De overheidscommunicatie over rechten en plichten moet stapsgewijs verbeteren. (art II.9 tweede lid)

    Burgerloket geeft overzicht van gegevens en interacties met de overheid

    Er komt een burgerloket dat elke burger een overzicht geeft van zijn gegevens en interacties met de overheid: dienstverlening van overheden in Vlaanderen, maar ook van federale overheden, andere gemeenschappen of gewesten.

    Via het burgerloket zal de burger kunnen zien hoe zijn gegevens worden gebruikt door de overheid, kan hij fouten melden of vragen stellen. Hij vindt er informatie over lopende dossiers. Hij kan ook toestemming geven aan de overheid om zijn gegevens te gebruiken om hem gericht te informeren over dienstverlening of rechten die op hem van toepassing zijn.

    Het burgerloket mag alleen gebruikt worden door de burger of zijn gemandateerde om toegang te krijgen tot zijn gegevens, en voor geen enkel ander doel. 

    Het agentschap Informatie Vlaanderen werkt het burgerloket uit in overleg met de betrokken overheidsinstanties en externe overheden. Het agentschap Innoveren en Ondernemen beheert daarnaast een specifiek contact- en informatiepunt voor ondernemers en ondernemingen. (art. II.7)

    Overheidswebsites toegankelijk volgens de Europese richtlijn

    Het bestuursdecreet zet de Europese richtlijn om over toegankelijkheid van overheidswebsites (art. II.16).  De bepalingen over webtoegankelijkheid hebben uitwerking met ingang van 23 september 2018. 

    Alle personeelsleden moeten iedereen helpen die informatie zoekt

    Alle personeelsleden worden verplicht om iedereen die informatie zoekt, daarbij te helpen. Als ze zelf niet beschikken over de gevraagde informatie, sturen ze de vraag rechtstreeks door naar de bevoegde instantie of naar het centrale contact- en informatiepunt.

    Natuurlijk mag elke instantie zichzelf organiseren en bijvoorbeeld de informatierol toewijzen aan een centrale voorziening binnen de instantie. (art. II.6 tweede en derde lid)

    'Communicatieambtenaar' wordt 'communicatieverantwoordelijke'

    Voortaan zal elke instantie van de Vlaamse administratie een 'communicatieverantwoordelijke' aanwijzen in plaats van een 'communicatieambtenaar'. Ook elke provincieraad, gemeenteraad en raad voor maatschappelijk welzijn stelt een communicatieverantwoordelijke aan. De titel verandert omdat sommige instanties van de Vlaamse administratie geen ambtenaren in dienst hebben. 

    De term verwijst naar een inhoudelijke opdracht en niet naar een specifieke graad met gevolgen voor de rechtspositie van het personeelslid. De functie mag binnen een instantie dus ook door verschillende personeelsleden worden opgenomen.

    De communicatieverantwoordelijken hebben de taak om het communicatiebeleid te plannen, te realiseren en te evalueren. Ze stimuleren, coördineren en begeleiden de communicatie van hun overheid of instantie. Het is dus hun taak om, onder verantwoordelijkheid van het hoofd van de instantie, ervoor te zorgen dat de communicatie van de instantie goed verloopt. Ze zijn ook intern aanspreekpunt voor communicatiekwesties.

    Verder moeten de communicatieverantwoordelijken toezien op de naleving van de normen voor overheidscommunicatie: standaardtaal, heldere taal, duidelijkheid over de fase waarin de besluitvorming zich bevindt, herkenbaarheid als Vlaamse overheid, politieke neutraliteit, commerciële neutraliteit, correct gebruik van externe media.

    Ten slotte moeten ze erop toezien dat de communicatie van hun instantie spoort met het gemeenschappelijke communicatiebeleid van de Vlaamse administratie. (art. III.64)

    Communicatieverantwoordelijken en klachtencoördinatoren: functies op elkaar afstemmen

    Elke instantie van de Vlaamse administratie moet de functies van de communicatieverantwoordelijke en de klachtencoördinator op elkaar afstemmen. Dat moet helpen om kwaliteitsvolle dienstverlening te garanderen. De instanties moeten voldoende informatie geven over hun dienstverlening, ook communiceren als er iets fout loopt en luisteren naar hun klanten. (art. III.64, vierde lid)

    Consultatieportaal op vlaanderen.be

    Er komt een consultatieportaal op de centrale website van de Vlaamse overheid. Als de Vlaamse Regering of een minister een consultatie organiseert, zal die minstens ook via het consultatieportaal worden bekendgemaakt.

    De bepaling impliceert ook dat de resultaten van de consultatie transparant moeten zijn. De Vlaamse Regering kan bij omzendbrief principes vastleggen over kwaliteitsvolle consultatie en feedback over de resultaten. (art. II.8)

    Burgers kunnen zelf voorstellen doen

    Burgers krijgen de mogelijkheid om zelf voorstellen of meldingen te doen over het functioneren van de overheid, over beleid of regelgeving. Dat is een aanvulling op de bestaande parlementaire regeling voor verzoekschriften.

    Ze kunnen die voorstellen of meldingen kosteloos indienen bij een overheidsinstantie of bij het centrale contact- en informatiepunt. Ze krijgen binnen een redelijke termijn een antwoord: de overheidsinstantie zegt wat haar standpunt is over het voorstel of de melding en welke initiatieven ze zal nemen.

    Als een voorstel of melding kennelijk ongegrond of onredelijk is, is de overheid niet verplicht om te reageren. (art. II.88)

    Geen communicatiejaarverslag meer 

    De Vlaamse overheid is niet meer verplicht om jaarlijks een globaal communicatiejaarverslag in te dienen bij het Vlaams Parlement.

    Wat blijft (zo goed als) hetzelfde in het ontwerp van bestuursdecreet?

    De overheid informeert actief over beleid, regelgeving en dienstverlening

    Overheidsinstanties informeren actief, op eigen initiatief, over hun beleid, regelgeving en dienstverlening, telkens als dat nuttig, belangrijk of noodzakelijk is.

    Ze zien erop toe dat de informatie zoveel mogelijk personen, verenigingen of organisaties van de doelgroep bereikt. Ze kiezen aangepaste communicatiestrategieën voor thema’s die moeilijk te bereiken doelgroepen aanbelangen.

    Ze dragen er zorg voor dat de informatie

    • correct, betrouwbaar en accuraat is
    • relevant is en gericht wordt verspreid
    • tijdig en systematisch wordt verspreid. (art. II.2)

    Informatie in orde en gemakkelijk te raadplegen

    Overheidsinstanties zorgen ervoor dat de informatie die relevant is voor hun taak en die ze zelf beheren of die voor hen wordt beheerd, zo veel mogelijk geordend, accuraat, vergelijkbaar en geactualiseerd is.

    De informatie van de overheid is gemakkelijk te raadplegen voor het beoogde doelpubliek via diverse kanalen en media. (art. II.3)

    Gezamenlijke gegevensbronnen met basisinformatie

    De Vlaamse overheid bouwt een of meer gezamenlijke gegevensbronnen uit met basisinformatie van de Vlaamse overheid, de lokale overheden, de instellingen met een publieke taak en de milieu-instanties.

    Basisinformatie is:

    • identificerende informatie
    • contactgegevens en informatie over dienstverlening. (art. II.5)

    Centraal contact- en informatiepunt

    De burger kan met informatievragen terecht bij het centrale contact- en informatiepunt van de Vlaamse overheid. Dat contact- en informatiepunt is bereikbaar via diverse communicatiekanalen. (art. II.6 eerste lid)

    Heldere standaardtaal

    Overheidsinstanties communiceren in de standaardtaal, in principe de Nederlandse standaardtaal behalve als de taalwetgeving het gebruik van een andere taal voorschrijft of toelaat.

    Ze gebruiken een heldere taal die begrijpelijk is voor de ontvanger. (art. II.10)

    Inconsequenties en dubbele boodschappen vermijden

    Vlaamse overheidsinstanties verspreiden uitsluitend informatie die in overeenstemming is met het beleid van de hele Vlaamse overheid. Ze moeten hun boodschap toetsen aan het algemeen beleid, om inconsequenties en dubbele boodschappen te voorkomen.

    Dat geldt niet voor de strategische adviesraden, die onafhankelijk moeten zijn van het beleid van de Vlaamse overheid. (art II.11 eerste lid)

    Duidelijk in welke fase beleid zich bevindt

    Uit de overheidscommunicatie moet duidelijk blijken in welke fase besluitvorming of een project zich bevindt.

    Als het om niet beslist beleid gaat, moet de communicatie feitelijk van aard en zakelijk van toon zijn. (art. II.11 tweede lid)

    Herkenbaar als Vlaamse overheid

    De communicatie van de Vlaamse overheid is duidelijk en als zodanig herkenbaar. Iedereen heeft altijd het recht te weten wanneer hij met een instantie van de Vlaamse overheid te maken heeft.

    De Vlaamse overheid profileert zich als één geheel en is altijd, ongeacht het kanaal of medium, herkenbaar als afzender of medeafzender, deelnemer, belanghebbend of betrokken bij de communicatie. 

    Alle onderdelen van de Vlaamse overheid maken zich herkenbaar door naar de Vlaamse overheid te verwijzen en kunnen daarnaast hun eigen entiteit tot uitdrukking brengen.

    De Vlaamse Regering stelt nadere regels vast voor de toepassing van dit artikel.

    Een van de belangrijkste elementen om de herkenbaarheid van de Vlaamse overheid te garanderen, is de verplichte gemeenschappelijke huisstijl. Die maakt een indeling van de communicatie van de Vlaamse overheid in drie niveaus:

    • niveau 1 - corporate communicatie
    • niveau 2 - thematische communicatie
    • niveau 3 - communicatie door entiteiten die in Vlaanderen permanent fysiek contact hebben met het grote publiek.

    Voor sommige types van communicatie kan de Vlaamse Regering specifieke richtlijnen maken, bijvoorbeeld voor de omroepprogramma’s van de VRT of voor bepaalde communicatie van de strategische adviesorganen.

    Het Vlaams Parlement en de instellingen die daaraan verbonden zijn, vallen niet onder dit artikel, net als de investeringsmaatschappijen. (art. II.12)

    Politiek neutraal

    Overheidsinstanties die communiceren namens de overheid, communiceren politiek neutraal. 

    Dat betekent bijvoorbeeld dat leden van de Vlaamse Regering politiek neutraal communiceren als ze optreden in hun hoedanigheid van minister. Als ze bijvoorbeeld een interview geven als politicus van een bepaalde partij, communiceren ze uiteraard niet politiek neutraal.

    In overheidscommunicatie verwijzen naar een naam of partij van een mandataris kan alleen als het discreet gebeurt en een informatieve meerwaarde heeft. Bij het gebruiken van persoonlijke gegevens van politici, het inlassen van foto's of audiovisuele bijdragen waakt de Vlaamse overheid erover dat de inlassing in de eerste plaats informatief is en dat er geen publicitaire, eenzijdige of opiniërende indruk rond de persoon wordt gewekt. 

    Bij het aanreiken van informatie aan externe media moet de inhoud van het beleid centraal staan, en niet de bewindspersoon of zijn partij.

    Commercieel neutraal

    De overheidsinstanties communiceren commercieel neutraal.

    Ze lenen zich in hun eigen communicatie niet tot reclame of sluikreclame voor private bedrijven, merken of private personen. Ze kunnen alleen verwijzen naar private bedrijven of personen, hun merknamen, logo’s, of de diensten die ze geleverd hebben, naar hun merken of producten, als die informatie relevant of noodzakelijk is voor hun eigen boodschap.

    De overheidsintanties kunnen in hun eigen communicatiekanalen of media alleen ruimte laten voor betalende reclame van private bedrijven, merken of personen, als die reclame duidelijk wordt onderscheiden van de communicatie van de overheid zelf. 

    Ze aanvaarden voor hun communicatie geen aanbiedingen tot samenwerking van private derden, waarin die derden een duidelijk aanwijsbaar eenzijdig of dominant belang hebben, ook niet als die samenwerking kosteloos is of tegen gunstige voorwaarden kan worden verkregen. (art II.14)

    Adverteren in of samenwerken met externe media

    Als de Vlaamse overheid adverteert in of samenwerkt met externe media (bijvoorbeeld in de vorm van publireportages) gelden er drie voorwaarden.

    1. Het initiatief is gericht op een weloverwogen en duidelijk aanwijsbare communicatiedoelstelling van de Vlaamse overheid.
    2. De Vlaamse overheid houdt de volledige zeggenschap over de inhoud. 
    3. De Vlaamse overheid is duidelijk herkenbaar. (art. II.15)

    Contactgegevens in berichten

    Overheidsinstanties sturen berichten die rechtsgevolgen tot stand brengen bij de toepassing van wettelijke en reglementaire bepalingen. Zo'n berichten moeten de contactgegevens bevatten van diegene die meer informatie kan geven over het dossier. Dat hoeven geen contactgegevens van een individueel personeelslid te zijn. Het mag bijvoorbeeld ook een  telefoonnummer of mailadres van een team zijn. (art II.20)

    Beslissingen van de Vlaamse Regering met bijhorende documenten op vlaanderen.be

    De beslissingen van de Vlaamse Regering worden samen met de bijhorende documenten systematisch gepubliceerd op de centrale website van de Vlaamse overheid. Die bepaling stond al in het bevoegdheidsbesluit van de Vlaamse Regering maar wordt nu decretaal verankerd. (art II.9 eerste lid)

    Ook voor lokale overheden 

    Sommige bepalingen zijn ook van toepassing op de lokale overheden. Sommige zijn nieuw, andere stonden al in het openbaarheidsdecreet. Samengevat gaat het om:

    • het principe van een goede actieve voorlichting (art. II.2)
    • informatie correct beheren en publiceren (art. II.3) 
    • medewerking aan gezamenlijke gegevensbronnen met basisinformatie (art. II.5) 
    • de praktische modaliteiten voor burgers die informatie zoeken (art. II.6) 
    • het burgerloket (art. II.7) 
    • communiceren in de standaardtaal en een heldere taal gebruiken die begrijpelijk is voor de ontvanger (art. II.10)
    • duidelijk communiceren in welke fase besluitvorming of een project zich bevindt (art. II.11 tweede lid)
    • politiek neutraal communiceren (art. II.13)
    • commercieel neutraal communiceren (art. II.14)
    • de verplichtingen die de richtlijn webtoegankelijkheid oplegt. (art. II.16 en II.17)
    • Als de overheid gebruik maakt van externe media moet het initiatief gericht zijn op een weloverwogen en duidelijk aanwijsbare communicatiedoelstelling van de overheid, moet ze volledige zeggenschap houden over de inhoud en moet ze duidelijk herkenbaar zijn als overheid. (art. II.15)