chat-altchatcrossloginquestion-circlesearchsmileystarthumbup-downwarning
Vlaanderen
Contacteer ons
    Terug naar overzicht Stuur een e-mail

    Stuur een e-mail naar 1700, de informatiedienst voor al uw vragen aan de overheid.
    U ontvangt een kopie van uw bericht.

    Terug naar overzicht Chat met ons
    Uw chatgesprek wordt automatisch gestart zodra er een medewerker beschikbaar is.
    Even geduld, uw positie in de wachtrij wordt bepaald.

    Deel X. De verloven en dienstvrijstellingen - Titel 11

    Titel 11. Politiek verlof en dienstvrijstelling

    Art. X 64. - Toelichting - Interpretaties

    § 1. Het personeelslid dat zijn functie met volledige prestaties uitoefent, heeft, volgens de hierna vermelde regelen, recht op politiek verlof voor het uitoefenen van een politiek mandaat of een ambt dat ermee gelijkgesteld kan worden, mits naleving van de onverenigbaarheden en verbodsbepalingen die krachtens wettelijke of reglementaire bepalingen op hem van toepassing zijn.

    Het eerste lid is ook van toepassing op de ambtenaar die minimaal 80% van de normale arbeidsduur werkt door verlof voor deeltijdse prestaties. Het deeltijdse contractuele personeelslid wordt gelijkgesteld met een ambtenaar met verlof voor deeltijdse prestaties.

    § 2. Het verlof of de dienstvrijstelling wordt aangevraagd bij en toegestaan door de lijnmanager.

    Art. X 65. - Toelichting - Interpretatie

    Op aanvraag van het personeelslid wordt binnen de hierna bepaalde perken dienstvrijstelling verleend voor de uitoefening van de volgende politieke mandaten:

    gemeenteraadslid dat noch burgemeester noch schepen is, of lid van een raad voor maatschappelijk welzijn van een gemeente, de voorzitter uitgezonderd, of lid van de districtsraad van een district, de voorzitter van het districtscollege uitgezonderd: 2 dagen per maand;[6]
    provincieraadslid dat geen lid is van de deputatie[9]: 2 dagen per maand.
    Art. X 66. - Toelichting - Interpretaties

    Op aanvraag van het personeelslid wordt binnen de hierna bepaalde perken facultatief politiek verlof toegekend voor de uitoefening van de volgende politieke mandaten:

    gemeenteraadslid dat noch burgemeester noch schepen is, of lid van de raad voor maatschappelijk welzijn van een gemeente, de voorzitter en de leden van het vast bureau uitgezonderd, of lid van de districtsraad van een district, de voorzitter van het districtscollege en de leden van het districtscollege uitgezonderd:[6]
      a) tot 80.000 inwoners: 2 dagen per maand;
      b) meer dan 80.000 inwoners: 4 dagen per maand;
    schepen of voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn van een gemeente of van het districtscollege[6] van een district:
      a) tot 30.000 inwoners: 4 dagen per maand;
      b) van 30.001 tot 50.000 inwoners: een vierde van een voltijds ambt;
      c) van 50.001 tot 80.000 inwoners: de helft van een voltijds ambt;
    lid van het vast bureau van de raad voor maatschappelijk welzijn van een gemeente of van het districtscollege[6] van een district:
      a) tot 10.000 inwoners: 2 dagen per maand;
      b) van 10.001 tot 20.000 inwoners: 3 dagen per maand;
      c) met meer dan 20.000 inwoners: 5 dagen per maand.
    burgemeester van een gemeente:
      a) tot 30.000 inwoners: een vierde van een voltijds ambt;
      b) van 30.001 tot 50.000 inwoners: de helft van een voltijds ambt;
    provincieraadslid dat geen lid is van de deputatie[9]: 4 dagen per maand;
    Art. X 67. - Toelichting - Interpretaties

    Het personeelslid wordt binnen de hierna bepaalde perken met politiek verlof van ambtswege gezonden voor de uitoefening van de volgende politieke mandaten:

    burgemeester van een gemeente:
      a) tot 20.000 inwoners: 3 dagen per maand;
      b) van 20.001 tot 30.000 inwoners: een vierde van een voltijds ambt;
      c) van 30.001 tot 50.000 inwoners: de helft van een voltijds ambt;
      d) met meer dan 50.000 inwoners: voltijds.
      De voorzitters van het districtscollege[6] van een district worden wat betreft het politiek verlof van ambtswege gelijkgesteld met een burgemeester van een gemeente waarbij de duur van het ambtshalve politiek verlof beperkt wordt tot het percentage van de vergoeding van de burgemeester die zij ontvangen.
    schepen of voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn van een gemeente:
      a) tot 20.000 inwoners: 2 dagen per maand;
      b) van 20.001 inwoners tot 30.000 inwoners: 4 dagen per maand;
      c) van 30.001 tot 50.000 inwoners: een vierde van een voltijds ambt;
      d) van 50.001 tot 80.000 inwoners: de helft van een voltijds ambt;
      e) met meer dan 80.000 inwoners: voltijds.
      De leden van het bureau van het districtscollege[6] van een district worden wat betreft het politiek verlof van ambtswege gelijkgesteld met een schepen van een gemeente waarbij de duur van het ambtshalve politiek verlof beperkt wordt tot het percentage van de vergoeding van de schepenen die zij ontvangen.
    lid van de deputatie[9] van een provincieraad: voltijds;
    lid van de Kamer van Volksvertegenwoordigers of van de Senaat: voltijds;
    lid van het Brussels Hoofdstedelijke Parlement: voltijds;[9]
    lid van het Europees Parlement: voltijds;
    lid van de federale regering: voltijds;
    lid van de Brusselse hoofdstedelijke regering: voltijds;
    gewestelijk staatssecretaris van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest:  voltijds;
    10° lid van de Commissie van de Europese Unie: voltijds.

    Het politiek verlof van ambtswege vangt aan op de datum van de eedaflegging.

    Art. X 68. - Toelichting

    In afwijking van artikel X 64 wordt het personeelslid dat zijn functie met deeltijdse prestaties van minder dan 80% van de normale arbeidsduur uitoefent niettemin met voltijds politiek verlof van ambtswege gezonden voor de uitoefening van een in artikel X 67 vermeld politiek mandaat, voorzover daaraan een politiek verlof van ambtswege beantwoordt waarvan de duur ten minste de helft van een voltijds ambt bedraagt.

    Art. X 69. - Toelichting - Interpretaties

    Het personeelslid dat voor de uitoefening van een mandaat van burgemeester, schepen of voorzitter van een raad voor maatschappelijk welzijn of van het districtscollege[6] van een district recht heeft op politiek verlof waarvan de duur niet de helft van een voltijds ambt overschrijdt, kan, op aanvraag, halftijds of voltijds politiek verlof krijgen.

    Het personeelslid dat voor de uitoefening van een in het eerste lid vermeld mandaat recht heeft op halftijds politiek verlof, kan, op aanvraag, voltijds politiek verlof krijgen.

    Het politiek verlof dat in toepassing van het eerste en tweede lid wordt verkregen, wordt gelijkgesteld met politiek verlof van ambtswege wat betreft de weerslag die het heeft op de administratieve en geldelijke toestand van het personeelslid.

    Art. X 70. - Toelichting

    De afwezigheden wegens facultatief politiek verlof en politiek verlof van ambtswege voor een in artikel X 66 en in artikel X 67, eerste lid, 1°, 2° en 3°, vermeld politiek mandaat worden gelijkgesteld met een periode van dienstactiviteit. Het personeelslid heeft evenwel geen recht op salaris.

    Het voltijds politiek verlof van ambtswege voor een in artikel X 67, eerste lid, 4° tot en met 10°, vermeld politiek mandaat wordt gelijkgesteld met een periode van non-activiteit.

    Art. X 71. - Toelichting

    § 1. Het politiek verlof voor een in artikel X 65, artikel X 66 en artikel X 67, eerste lid, 1°, 2° en 3°, vermeld politiek mandaat eindigt uiterlijk op de laatste dag van de maand die volgt op die tijdens dewelke het mandaat eindigt.

    Het politiek verlof voor een in artikel X 67, eerste lid, 4° tot en met 10°, vermeld politiek mandaat loopt tot zes maanden na de beëindiging van het mandaat.
    Vanaf dat ogenblik herkrijgt de betrokkene alle statutaire rechten.

    § 2. Het personeelslid mag na wederindiensttreding het salaris niet cumuleren met enig voordeel verbonden aan de uitoefening van het afgelopen mandaat.

    naar boven