chat-altchatcrossloginquestion-circlesearchsmileystarthumbup-downwarning
Vlaanderen
Contacteer ons
    Terug naar overzicht Stuur een e-mail

    Stuur een e-mail naar 1700, de informatiedienst voor al uw vragen aan de overheid.
    U ontvangt een kopie van uw bericht.

    Terug naar overzicht Chat met ons
    Uw chatgesprek wordt automatisch gestart zodra er een medewerker beschikbaar is.
    Even geduld, uw positie in de wachtrij wordt bepaald.

    Veelgestelde vragen PTOW

    Welzijn, PTOW

    Sommige personeelsleden hebben concentratiestoornissen in ‘Het Nieuwe Werken’-omgevingen. Hoe kan hieraan tegemoet gekomen worden?

    Geluidshinder is de grootste bron van ontevredenheid in open kantooromgevingen. Dat kan zorgen voor een hogere mentale belasting.

    Om storende elementen in een open werkomgeving te beperken zijn naast technische aanpassingen ook goede afspraken op de werkvloer nodig .

    Voorbeelden van technische aanpassingen:

    • Aanbod van een gevarieerd gamma aan activiteitsgebonden werkplekken;
    • “Stille” werkplekken zoals concentratiecockpits en afgeschermde werkplekken;
    • Planmatige akoestische buffering, met een evenwichtige verdeling tussen open en gesloten ruimten;
    • Servicelokalen, waar het geluid van luidruchtige kantoormachines zoals scanners en printers gebundeld wordt;
    • Aangepaste bouwkundige materialen, zoals akoestisch plafond, absorberende wandpanelen of textiele vloerbekleding;

    Voorbeelden van goede afspraken:

    • Maak gebruik van concentratiecockpits of phonebooths (telefooncellen) voor telefoongesprekken;
    • Hou  overleg in aparte ruimtes;
    • Muziek beluisteren kan enkel met hoofdtelefoon of oortjes;
    • Spreek elkaar aan op storend gedrag;

    Voorbeelden van goede afsprakenkaders kunnen via het Agentschap voor Overheidspersoneel verkregen worden.

    In de omzendbrief staat niet langer vermeld dat de telewerker indien gewenst een ergonomische stoel ter beschikking krijgt van de werkgever. Wat betekent dit concreet?

    De lijnmanager beslist welke middelen de werknemer bij plaats- en tijdsonafhankelijk werken ter beschikking krijgt om zijn taken efficiënt en kwaliteitsvol uit te oefenen. Hij beslist dus ook over de toekenning van een ergonomische stoel.  

    Momenteel onderzoekt de Vlaamse overheid of ze een groepsaankoop van bureaustoelen voor telewerk mag organiseren.

    In de VAC’ s zijn de beeldschermwerkplekken en de satellietwerkplekken sowieso uitgerust met ergonomische bureaustoelen.

    Ondersteuningsaanbod, PTOW

    Wat is het ondersteuningsaanbod van de Gemeenschappelijke Dienst voor Preventie en Bescherming (GDPB) rond welzijn bij Het Nieuwe Werken?

    De Gemeenschappelijke Dienst voor Preventie en Bescherming (GDPB) ontwikkelde enkele tools om de welzijnsrisico’s bij het plaats- en tijdsonafhankelijk werken op te sporen. Op die manier kunnen preventiemaatregelen worden opgenomen in het globaal preventieplan en jaaractieplan van de entiteiten. Deze tools zijn onder meer de risicoanalyse, een checklist veilig en gezond telewerken en een stappenplan voor het inrichten van een ergonomische beeldschermwerkplek bij thuiswerk.

    Welzijn - ziekte, PTOW

    Is het mogelijk om een personeelslid op advies van een arbeidsgeneesheer – thuis te laten werken? Hoe verhoudt dit zich tot plaats- en tijdsonafhankelijk werken?

    Aangezien de vraag tot thuiswerk zich op een advies van de arbeidsgeneesheer baseert, hoeft de werkgever hierop niet verplicht in te gaan. Volgens de nieuwe omzendbrief plaats- en tijdsonafhankelijk werken kan de lijnmanager beslissen (ook in het geval dat de vraag los van de ziekte wordt gesteld) dat het personeelslid niet mag plaats- en tijdsonafhankelijk werken omdat de functie dit niet toelaat.

    Telewerken tijdens een ziekteverlof zelf, kan bovendien leiden tot onder meer problemen rond aansprakelijkheid. Meer uitleg hierover is terug te vinden onder de volgende link: http://www.bestuurszaken.be/sites/bz.vlaanderen.be/files/documenten/personeel/regelgeving/documenten/varia/Werk_tijdens_ziekteverlof.doc               

    Bovenstaande regels blijven gelden in geval van plaats- en tijdsonafhankelijk werken.

    Als je arbeidsongeschikt bent, kan een ongeval nooit gebeuren tijdens en door de uitoefening van het werk.

    Entiteit Overleg Comité (EOC), PTOW

    Wat is de rol van het Entiteit Overleg Comité (EOC) bij de implementatie van het plaats- en tijdsonafhankelijk werken binnen de entiteiten?

    De overgang van de huidige organisatiestructuur en –cultuur naar een situatie op basis van de principes van plaats en tijdsonafhankelijk werken, is een evolutie en geen revolutie. Iedere entiteit krijgt de nodige tijd (uiterlijk tegen 2020) om een kader in te voeren waarin medewerkers plaats- en tijdsonafhankelijk kunnen werken. De vakbonden zijn in dit verhaal een partner. De omzendbrief bepaalt namelijk uitdrukkelijk dat het entiteitsspecifieke beleid wordt uitgewerkt in overleg met de vakorganisaties in het EOC. 

    Arbeidsongevallen, PTOW

    Hoe kan de werknemer een aantoonbaar verband met het werk aantonen wanneer hij een ongeval heeft buiten de ‘gebruikelijke’ werkuren?

    Toepasselijke wetgeving: wet van 3 juli 1967 betreffende de preventie of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector.

    In de omzendbrief plaats- en tijdsonafhankelijk werken wordt voorzien dat de toepassing van de arbeidsongevallenverzekering ‘welwillend’ gebeurt. Als criterium geldt niet ‘waar men werkt’ maar ‘tijdens en door het werk’. Een duidelijkere omschrijving van werkplaats lijkt dus niet meteen nodig.

    Een personeelslid kan een beroep doen op de arbeidsongevallenverzekering als er een aantoonbaar verband is met het werk. Een gelijkaardige situatie stelt zich vandaag bij telewerk.

    Om als arbeidsongeval erkend te worden, moet aan volgende voorwaarden voldaan worden:

     

    1. er moet een letsel zijn
    2. er moet een plotselinge gebeurtenis (met een externe oorzaak) zijn
    3. er moet een verband zijn tussen die 2 zaken (= weerlegbaarheid van het vermoeden). Het personeelslid krijgt het voordeel van de twijfel tenzij er ernstige redenen zijn om het vermoeden te weerleggen.
      Voorbeeld: wanneer iemand valt tijdens de telewerkdag, wordt vermoed dat dit gebeurt tijdens de uitoefening van het werk. Wanneer iemand tijdens het telewerken van zijn of haar dak valt, zijn er ernstige redenen om te twijfelen aan het vermoeden dat het ongeval gebeurd is tijdens de uitoefening van het werk.
    4. het ongeval moet tijdens de uitoefening van het werk of de arbeidsovereenkomst gebeurd zijn. Als er een bewijs is dat het ongeval zich voorgedaan heeft tijdens het werk, is er een wettelijk vermoeden dat het gebeurd is door de uitoefening van het werk. Dit vermoeden is weerlegbaar, zie punt 3 hierboven.
    5. het ongeval moet tijdens de arbeidsovereenkomst gebeurd zijn. Hierbij wordt uitgegaan van de welwillendheid van de werkgever. Het feit dat het ongeval zich heeft voorgedaan tijdens de uitoefening van het werk hangt samen met het feit dat het door de arbeidsovereenkomst gebeurd moet zijn.

     

    In de omzendbrief betreffende het plaats- en tijdsafhankelijk werken wordt voorzien dat het personeelslid bij het gebruik van zelfroosteren rekening houdt met de bereikbaarheid die de entiteit, raad of instelling (in bepaalde omstandigheden) vraagt. Bij de concrete toepassing van de arbeidsongevallenverzekering lijkt het belangrijk dat de leidinggevende van het personeelslid weet wanneer het personeelslid werkt (duidelijke afspraken rond beschikbaarheid en bereikbaarheid). Wanneer zich een arbeidsongeval voordoet, moet het personeelslid bovendien zo snel mogelijk na het ongeval de werkgever verwittigen.

    Kan iemand die tijdonafhankelijk werkt om 11u ’s morgens naar de bakker gaan? Moeten hierover afspraken gemaakt worden of moet dit ergens genoteerd worden?

    In de omzendbrief plaats- en tijdsonafhankelijk werken wordt vermeld dat er duidelijke afspraken nodig zijn omtrent de beschikbaarheid en de bereikbaarheid van de dienst door afgesproken servicetijden te respecteren. Duidelijke afspraken rond beschikbaarheid en bereikbaarheid houden impliciet ook afspraken in rond onbereikbaarheid en onbeschikbaarheid. 

    Stel dat een personeelslid dat plaats- en tijdsonafhankelijk werkt om 11 u. ’s morgens naar de bakker gaat en een ongeval heeft. Is dit een arbeidsongeval?

    Bij de toepassing van de arbeidsongevallenreglementering wordt uitgegaan van de welwillendheid van de werkgever. Het feit dat het ongeval zich heeft voorgedaan tijdens de uitoefening van het werk hangt samen met het feit dat het door de arbeidsovereenkomst gebeurd moet zijn.

    Bij de concrete toepassing van de arbeidsongevallenverzekering lijkt het belangrijk dat de leidinggevende van het personeelslid weet wanneer het personeelslid werkt, en ook dat het personeelslid – wanneer er zich een arbeidsongeval voordoet – zo snel mogelijk na het ongeval de werkgever verwittigt.

    Van de plaats waar het personeelslid werkt naar de plaats waar het personeelslid zijn maaltijd neemt of koopt (en terug) is een traject gelijkgesteld met de weg naar en van het werk.

    Als het personeelslid volgens de gemaakte afspraken om 11u zijn werkplek verlaat om bij de bakker een broodje of koffiekoeken te kopen om ‘s middags op te eten, is hij tijdens het traject verzekerd.

    Ondersteuningsaanbod: goede praktijken, PTOW

    In het kader van Het Nieuwe Werken wordt vaak verwezen naar prestatiemeting als alternatief voor tijdsregistratie (prikklok). Welke goede praktijkvoorbeelden (concrete prestatiemeetsystemen) zijn in die context voor handen binnen de Vlaamse overheid? Worden hierrond nog experimenten/(piloot)projecten/initiatieven gepland in de nabije toekomst?

    Prestatiemeting maakt deel uit van het resultaatgericht werken.

    Tijdens het HR-netwerk van 18 juni 2014 lichtte, Anne Delarue, beleidsadviseur binnen het Departement Bestuurszaken, het sturen op prestaties door middel van ProjectInformatie en TijdsAdministratie (PITA) en  MOnitoring van Doelstellingen (MODO) binnen het Departement Bestuurszaken toe . De slides van de presentatie zijn terug te vinden op http://www.bestuurszaken.be/hr-deelnetwerk-18-juni-plaats-en-tijdsonafhankelijk-werken (vanaf slide 45).

    Het Agentschap voor Overheidspersoneel voorziet in een aanbod om leidinggevenden en medewerkers te ondersteunen in het resultaatgericht werken. Hieronder vallen bijvoorbeeld de PLOEG-opleidingen (prestatiemanagementcyclus voor leidinggevenden en voor medewerkers), de opleidingen resultaatgericht leidinggeven en timemanagement voor medewerkers. Meer informatie over het ondersteuningsaanbod van het Agentschap voor Overheidspersoneel is ook terug te vinden in de presentatie van het HR-netwerk van 18 juni 2014: http://www.bestuurszaken.be/hr-deelnetwerk-18-juni-plaats-en-tijdsonafhankelijk-werken (vanaf slide 90).

    Zijn er praktijkvoorbeelden van afdelingen die aan zelfroosteren doen?

    ‘Zelfroosteren’ is het zelf plannen door personeelsleden die plaats- en tijdsonafhankelijk kunnen werken van hun werkzaamheden in overeenstemming met de door hun entiteit bepaalde servicetijden (beschikbaarheid en bereikbaarheid voor de klanten). Een tool die hiervoor in de praktijk wordt gebruikt is de Outlook Agenda, waarin personeelsleden registreren waar en wanneer ze werken. Een aantal entiteiten experimenteren ook met vormen van tijdschrijven of met het digitaal registreren van de werktijd via de pc.

    Startpagina's