chat-altchatcrossloginquestion-circlesearchsmileystarthumbup-downwarning
Vlaanderen
Contacteer ons
    Terug naar overzicht Stuur een e-mail

    Stuur een e-mail naar 1700, de informatiedienst voor al uw vragen aan de overheid.
    U ontvangt een kopie van uw bericht.

    Terug naar overzicht Chat met ons
    Uw chatgesprek wordt automatisch gestart zodra er een medewerker beschikbaar is.
    Even geduld, uw positie in de wachtrij wordt bepaald.

    Interpretatie VPS: fietsvergoeding

    Interpretatie bij art. VII 102

    1. Begrip woon-werktraject – reisweg

    Op grond van artikel VII 102 ontvangt het personeelslid dat het volledige of gedeelte van het woonwerktraject met de fiets aflegt, een fietsvergoeding van 0,15 euro per kilometer.

    1.1. Probleemstelling

    Op de vergadering van het sectorcomité XVIII van 12 oktober 2009 werd door ACOD de vraag gesteld hoe de reisweg, voor het bepalen van het aantal kilometer, moet worden berekend:
    1. de afstand volgens een routeplanner?
    2. de kortste weg?
    3. de veiligste weg?
    4. ...

    1.2. Interpretatie

    Het is niet evident hier een éénduidig standpunt in te nemen, omdat elke concrete situatie moet beoordeeld worden. Daarom is het ook niet opportuun dit gedetailleerd in het VPS te omschrijven.

    Het personeelslid moet hier in overleg met zijn lijnmanager tot een overeenkomst kunnen komen.

    Indien de kortste weg bijvoorbeeld over een 4 rijvaksbaan loopt met heel druk verkeer, en het personeelslid via een omweg, een veilige weg kan nemen langs een plattelandsweg, lijkt het voor de hand liggend dat het te verantwoorden is om in deze situatie het aantal afgelegde kilometers langs de veiligere weg te vergoeden.

    naar boven

    2. Combinatie fietsvergoeding – moeilijk bereikbare arbeidsplaatsen

    2.1. Probleemstelling

    Hebben de personeelsleden die recht hebben op een tegemoetkoming voor moeilijk bereikbare arbeidsplaatsen ook recht op een fietsvergoeding indien zij sporadisch de fiets gebruiken voor hun woonwerkverkeer?

    2.2. Interpretatie

    In de toelichting bij artikel VII 100 van het VPS is uitdrukkelijk bepaald dat personeelsleden de keuzemogelijkheid hebben tussen de fietsvergoeding en de vergoeding voor moeilijk bereikbare werkplaatsen. Deze bepaling dateert nog van vóór 1 januari 2009, toen enkel een fietsvergoeding bij "regelmatig" gebruik van de fiets (80%-regel) kon worden ontvangen.

    Aangezien vanaf 1 januari 2009 ook een fietsvergoeding kan worden ontvangen bij "sporadisch" gebruik van de fiets voor het woon-werkverkeer, is het in stand houden van deze decumul niet voor de hand liggend.

    Gelet op de nieuwe bepaling van artikel VII100bis van het VPS (1/20 per dag voor wie af en toe naar de moeilijk bereikbare werkplaats gaat) is het evident dat een combinatie van sporadisch fietsgebruik met de vergoeding van 1/20 per dag voor de dagen dat de eigen wagen wordt gebruikt, mogelijk moet zijn.

    Volledigheidshalve moet worden opgemerkt dat er voorheen eveneens een, zij het niet uitdrukkelijk in het VPS opgenomen, decumul bestond tussen het recht op een fietsvergoeding en een abonnement openbaar vervoer voor het woon-werkverkeer voor hetzelfde traject.

    In de nieuwe omzendbrief inzake de toekenningsmodaliteiten fietsvergoeding wordt de decumul ook enkel beperkt tot regelmatig gebruik van de fiets. Bij sporadisch gebruik van de fiets kan de combinatie met een abonnement openbaar vervoer voor hetzelfde traject wel.

    naar boven

    3. Begrippen fiets en speed-pedelec

    Op grond van artikel VII 102 heeft een personeelslid, onder bepaalde voorwaarden, recht op een fietsvergoeding. Eén van die voorwaarden is dat het personeelslid welbepaalde voertuigen gebruikt.

    3.1. Probleemstelling  

    Het is niet steeds duidelijk of een type voertuig al dan niet onder bepaalde begrippen valt onder te brengen. 

    3.2. Interpretatie

    Een fiets is een rijwiel of een gemotoriseerd rijwiel.

    Een rijwiel is elk voertuig met 2 of meer wielen:

    • dat via pedalen of handgrepen met spierkracht wordt aangedreven
    • dat uitgerust is met een elektrische hulpmotor tot 250 W en geen ondersteuning meer biedt vanaf 25 km per uur (of eerder, indien de bestuurder ophoudt met trappen)

    Volgende types vallen hieronder: klassieke fietsen, koersfietsen, mountainbikes, stadsfietsen, bakfietsen, aangepaste fietsen voor mindervaliden (3 wielen, aandrijving via handgrepen,...), plooibare fietsen, hybride fietsen, met of zonder elektrische aandrijving.
    Niet bedoeld zijn o.a.: steps, hoverboards, rolschaatsen, skateboards, monowheels, (elektrische) segways. Dit zijn gemotoriseerde of niet gemotoriseerde voortbewegingstoestellen.

    Een gemotoriseerd rijwiel is elk twee-, drie- of vierwielig voertuig met pedalen:

    • uitgerust met een elektrische hulpaandrijving met als hoofddoel trapondersteuning waarvan de aandrijfkracht wordt onderbroken bij een voertuigsnelheid van maximum 25 km per uur, met uitsluiting van de hierboven vermelde rijwielen.

    Het nominaal continu maximumvermogen van de elektrische motor bedraagt ten hoogste 1 kW.

    Een speed pedelec is elk tweewielig voertuig met pedalen (met uitsluiting van de gemotoriseerde rijwielen):

    • met een elektrische hulpaandrijving met als hoofddoel trapondersteuning waarvan de aandrijfkracht wordt onderbroken bij een voertuigsnelheid van maximum 45 km per uur.

    Het nominaal continu maximumvermogen van de elektrische motor bedraagt ten hoogste 4 kW.

    naar boven