chat-altchatcrossloginquestion-circlesearchsmileystarthumbup-downwarning
Vlaanderen
Contacteer ons
    Terug naar overzicht Stuur een e-mail

    Stuur een e-mail naar 1700, de informatiedienst voor al uw vragen aan de overheid.
    U ontvangt een kopie van uw bericht.

    Terug naar overzicht Chat met ons
    Uw chatgesprek wordt automatisch gestart zodra er een medewerker beschikbaar is.
    Even geduld, uw positie in de wachtrij wordt bepaald.

    Uit de kast op het werk: 'Het geeft vertrouwen als collega's positief reageren'

    vrijdag, 11 oktober 2019

    Al ruim 30 jaar lang staat 11 oktober in het teken van ‘coming-out’: het moment waarop je als homo, lesbienne, biseksueel of transgender 'uit de kast' komt. Openlijk uitkomen voor je seksuele voorkeur is niet altijd even makkelijk, ook op je werkplek. Collega’s Johannes Martens (29) en Jill Peiffer (40) gaan in gesprek.

    Uit de kast

    Jill Peiffer en Johannes Martens Jill Peiffer en Johannes Martens

    Jill is directeur bij Epos vzw, het Agentschap dat het Erasmus+ programma voor onderwijs en opleiding uitvoert in Vlaanderen. Ze is biseksueel en kwam midden jaren 90 uit de kast: 'Dat was toen een totaal ander begrip dan nu. Zeker thuis was er een persoonlijke barrière. Mijn ouders waren ongerust over de moeilijke toekomst die ik volgens hen ‘koos’.'

    Johannes werkt als specialist verkeerskunde bij het Agentschap Wegen en Verkeer en identificeert zichzelf als non-binair. Midden jaren 2000, toen hij ongeveer 16 was, kwam hij als homoseksueel uit de kast bij zijn familie: 'Wel grappig dat mensen over hun coming-out vaak in de verleden tijd praten, alsof het voltooid is.
    Een coming-out doe je permanent.' 

    Het is een soort van verduidelijking, je geeft mensen wat extra context bij je identiteit
    Jill Peiffer, directeur bij Epos vzw

    Het stopt volgens Johannes ook niet bij je ouders, familie en vrienden: 'Stel: je verandert van basketbalclub of je broer heeft een nieuw lief, dan ga je altijd opnieuw ‘uit de kast’ moeten komen. De angst gaat na verloop van tijd wel weg, want je krijgt hier meer ervaring in. Maar je hartslag gaat wel iedere keer omhoog, en je bent je telkens heel bewust van dat moment.'

    Ook Jill herkent dit gevoel. Voor haar is een coming-out wel iets dat alleen de 1ste keer plaatsvindt, bij de ouders bijvoorbeeld: 'Daarna wordt het meer een soort van verduidelijking, je geeft mensen wat extra context bij je identiteit. Maar dat is heel gewoon geworden.'

    Anno 2019

    Jill Peiffer Jill Peiffer

    Er wordt vaak gezegd dat een coming-out vandaag de dag niet meer nodig is. Volgens Jill zou het alleszins niet meer van deze tijd mogen zijn: 'Maar zolang je niet tot de overgrote meerderheid van heteroseksuele koppels behoort, zal er altijd een vorm van coming-out moeten gebeuren.' 

    Ook Johannes denkt dat het niet anders kan, tenzij dat er een grote verandering is in hoe de samenleving in elkaar zit: 'Coming-out wil eigenlijk zeggen dat je afwijkt van de - ik gebruik het woord niet graag - standaard. Volgens mij moet een deel van ‘het systeem’ op de schop om een coming-out niet noodzakelijk te maken. Mensen gaan er vanuit dat iedereen heteroseksueel en cisgender is. Als je dat niet bent, dan ga je dat moeten zeggen.'

    Op de werkvloer

    Jill koos ervoor om ook op de wervloer uit de kast te komen: 'Natuurlijk ga je niet met de deur in huis vallen als je in een nieuwe werkomgeving start, maar als je tijdens de lunchpauze iets kleins over je kinderen of echtgenote wilt vertellen, wil je dit niet achterwege laten. Dat is een essentieel deel van jezelf. Dit de hele tijd verbergen zou voor mij te vermoeiend zijn.'

    Het geeft vertrouwen als collega's positief reageren op een coming-out
    Johannes Martens, specialist verkeerskunde bij het Agentschap Wegen en Verkeer

    Voor Johannes is zijn non-binair zijn een belangrijke hoeksteen van zijn identiteit: 'Als ik dit zou verzwijgen, zou ik automatisch ook een deel van mijn identiteit niet blootleggen. Het klopt dat je inderdaad wat terughoudender bent in het begin. Bij de Vlaamse overheid was ik aanvankelijk toch wat gereserveerd, maar dat verdween toen een collega uit de kast kwam. Ik zag dat mensen in mijn werkomgeving daar goed op reageerden. Dat gaf me vertrouwen.'

    Wanneer Jill bijvoorbeeld een kleine anekdote vertelt over ‘haar vrouw’, twijfelt ze soms kort en vraagt ze zich af hoe hierop gereageerd zal worden: 'Je verwacht toch steeds een reactie, terwijl de meerderheid hier eigenlijk heel normaal over doet, hoor. Ik veronderstel dat dit als hetero een soort van ’evidente’ situatie is. Een situatie waarin je over je partner en gezin vertelt als iets waar je niet bij stilstaat.'

    De (on)zin van labels

    Johannes is non-binair, maar wat betekent dit nu net? 'Als ik nadenk over de betekenis van mannelijkheid of vrouwelijkheid, kom ik altijd uit op iets dat moeilijk definieerbaar is. Ik kan voor mijzelf niet definiëren wat mannelijk of vrouwelijk is, dus daarom plaats ik mezelf een beetje tussen de 2 in. Ik voel me niet thuis in 1 van die 2 hokjes en ben gewoon ‘mens’. Het gaat niet per se over mijn seksualiteit, wel over mijn genderervaring.'

    Er zijn erg veel definities om alle mogelijke variëteiten toch maar een label te kunnen geven
    Jill Peiffer, directeur bij Epos vzw

    De laatste jaren zijn er verschillende definities ontstaan rond de LGBTI-gemeenschap. Maar maken definities en labels het ook effectief duidelijker? Of zien sommigen door de bomen het bos niet meer? Jill merkt op dat we moeten opletten met het overgebruik van definities en labels. 'Het is uiteraard goed bedoeld, maar er zijn wel erg veel definities om alle mogelijke variëteiten toch maar een label te kunnen geven.'

    'Ik ben bijvoorbeeld biseksueel, maar ik ben getrouwd met een vrouw. Als mensen je met een vrouw zien, denken ze automatisch dat je lesbisch bent. Als ik dan zeg dat ik niet lesbisch, maar wel biseksueel ben, volgen er steevast vragen. Ik zit daar niet mee in, maar soms heb je er gewoon geen zin in om een opsomming te geven van al je ex-lieven.' (lacht)

    Een label zorgt voor een uiting van je identiteit. Je hebt het gevoel dat je niet alleen bent, dat je bestaat
    Johannes Martens, specialist verkeerskunde bij het Agentschap Wegen en Verkeer
    Johannes Martens Johannes Martens

    Ook Johannes beseft dit: 'Ik denk dat een groot deel van de bevolking denkt: zijn ze daar weer? Wat gaan ze nog allemaal uitvinden? Ik ben me daar bewust van, want het begint ook wel een lange lijst te worden. Maar die labels zijn ook een uiting van de identiteit die je zoekt. Dat gevoel van: ja, dit is het! Er zijn andere mensen die zich ook zo voelen. Dat bestaat, ik besta. Ik ben geldig.'

    Jill herkent de nood aan dit geldigheidsgevoel. Toen in 2006 haar dochter geboren werd, was er nog een gewone adoptieregeling voor homoseksuele koppels: 'Mijn vrouw en ik waren officieel getrouwd, maar ik mocht onze dochter niet inschrijven op het stadhuis. Nota bene dezelfde plek waar we 1 jaar eerder voor de wet getrouwd waren. Op dat moment voel je je heel raar. Je voelt je niet helemaal geldig.'

    Het belang van informeren

    Sommigen zien het als de taak van de werkgever om werknemers te informeren over alle kleuren binnen de holebi- en transgendergemeenschap. Ook Johannes ziet hier een meerwaarde in: 'Tijdens mijn opleiding van vertrouwenspersoon moesten we een presentatie geven en probeerde ik alle letters van de LGBTI-gemeenschap uit te leggen. Veel mensen waren hier enthousiast over, omdat ze er eigenlijk weinig over wisten. Het zou helpen als de basis bekend is. In welke vorm de werkgever dat doet, daar oordeel ik niet over. Maar bij de Vlaamse overheid doen we dit al wel. Nu bijvoorbeeld, met dit artikel.'