chat-altchatcrossloginquestion-circlesearchsmileystarthumbup-downwarning
Vlaanderen
Contacteer ons
    Terug naar overzicht Stuur een e-mail

    Stuur een e-mail naar 1700, de informatiedienst voor al uw vragen aan de overheid.
    U ontvangt een kopie van uw bericht.

    Terug naar overzicht Chat met ons
    Uw chatgesprek wordt automatisch gestart zodra er een medewerker beschikbaar is.
    Even geduld, uw positie in de wachtrij wordt bepaald.

    Terminologielijst

    Acceptatie: De formele bevestiging dat het project voldaan heeft aan de acceptatiecriteria en daarmee aan de eisen van de belanghebbenden.

    Acceptatiecriteria: Een lijst van meetbare criteria waaraan het eindproduct/de eindproducten moet(en) voldoen voordat de belanghebbende het eindproduct/de eindproducten accepteren.

    Baten: Al dan niet materiële voordelen die met een project/opdracht/taak beoogd worden.

    Belanghebbende: Personen, groepen, partijen die op een of andere manier belang hebben bij of beïnvloed worden door het project.

    Business case: Bevat al de nodige informatie om vast te stellen of een project haalbaar/levensvatbaar is en blijft. Is gebaseerd op een kosten-baten analyse

    Communicatieplan: Het plan waarin vastgelegd wordt wanneer, met welke frequentie, op welke manier en met wie er gecommuniceerd wordt over het project (zowel intern als extern).

    Escalatie: De actie opgestart door de projectleider waarbij hij/zij de projectstuurgroep informeert over issues die buiten zijn/haar bevoegdheid vallen en het projectsucces beïnvloeden.

    Geleerde lessen: Geleerde lessen op het einde van het project. Dit bevat zowel leerpunten, aandachtspunten als aanbevelingen en wordt gevat in het leerpuntenrapport.

    Issue: Een relevante gebeurtenis die heeft plaatsgevonden en die niet was gepland en die managementaandacht vereist om opgelost te worden. Kosten-baten analyse: Afweging van kosten en baten van het project.

    Kwaliteitseisen: Vooraf vastgelegde criteria/eisen waaraan een (eind)product moet voldoen.

    Mijlpaal: Een significant moment in een plan.

    Opdrachtgever: Zie sponsor

    Productdecompositie-structuur: Opdeling van het projectresultaat/-product in deelresultaten/-producten

    Project: Een tijdelijke eenmailige organisatie die is opgezet met het doel één of meerdere unieke eindproducten op te leveren volgens een overeengekomen Business case.

    Projectaanpak: De aanpak waarmee je de vooropgestelde doelstellingen van het project bereikt.

    Projectbeheerder: Zie projectleider

    Projectcoördinator: Zie projectleider

    Projecteigenaar: Zie sponsor

    Projectfase ‘Afsluiten’: Fase waarin het project wordt afgerond.

    Projectfase ‘Opstart’: Een stevige en volledige fundering bieden voor de start van de planning van het project.

    Projectfase ‘Planning’: In de planningsfase worden de beoogde resultaten, plannen, taken en verantwoordelijkheden vastgelegd waarmee een draagvlak voor het project wordt gecreëerd

    Projectfase ‘Uitvoeren’: Fase waarin de daadwerkelijke producten gemaakt worden binnen de afgesproken grenzen.

    Projectinitiatiedocument (PID): Het PID bevat alle relevante informatie nodig voor een goed projectbeheer en sturing van het project

    Projectleider: Leidt het project en/of deelprojecten zodat de afgesproken projectdoelstellingen gerealiseerd worden. Projectleider krijgt de rol als projectleider expliciet toegewezen.

    Projectmanager: Zie projectleider

    Projectplan: Een plan op hoofdlijnen dat de belangrijkste producten van het project, de opleverdatum en de kosten weergeeft.

    Projectstuurgroep: Heeft als hoofdverantwoordelijkheid dat het project op koers blijft en dat het de beoogde resultaten oplevert volgens de beoogde kwaliteit. Bestaat uit: de sponsor (= voorzitter), senior klant(en), senior leverancier(s)

    Projectstuurgroep vergadering: Overlegmoment tussen de projectstuurgroep en de projectleider

    Projectteam: Alle medewerkers die bij het project betrokken worden en aangestuurd worden door de projectleider.

    Projectvoorstel: Een beschrijving van de projectopdracht.

    Risico: Een onzeker feit of onzekere omstandigheid die, als deze zich voordoet, gevolgen heeft voor het realiseren van de projectdoelstellingen.

    Risicoaanpak: Het identificeren en beoordelen van risico’s en het vaststellen van activiteiten waarmee de restrisico’s tot een (aanvaardbaar) minimum herleid worden.

    Scope: Het totaal van de op te leveren producten en de daaraan gestelde eisen.

    Senior klant: Vertegenwoordigt de gebruikers die met de resultaten van het project moeten werken en keurt de resultaten goed vooraleer die in gebruik worden genomen.

    Senior leverancier: Verantwoordelijk voor het vrijgeven van de juiste vaardigheden, mensen en middelen die nodig zijn om het project uit te voeren

    Sponsor: Is de eigenaar van de businesscase en vaak de opdrachtgever van het project. Is vanuit de organisatie verantwoordelijk gemaakt voor het projectsucces en is de belangrijkste beslisser binnen het project

    Wijzigingsbeheer: De procedure die zeker stelt dat alle wijzigingen die effect kunnen hebben op de doelstellingen van het project worden geïdentificeerd en beoordeeld en worden goedgekeurd of afgekeurd of uitgesteld.