chat-altchatcrossloginquestion-circlesearchsmileystarthumbup-downwarning
Vlaanderen
Contacteer ons
    Terug naar overzicht Stuur een e-mail

    Stuur een e-mail naar 1700, de informatiedienst voor al uw vragen aan de overheid.
    U ontvangt een kopie van uw bericht.

    Terug naar overzicht Chat met ons
    Uw chatgesprek wordt automatisch gestart zodra er een medewerker beschikbaar is.
    Even geduld, uw positie in de wachtrij wordt bepaald.

    Overzicht van personen die niet worden meegeteld in het personeelsaantal

    Hieronder vindt u een overzicht van de groepen personen die door de toepassing van de rapporteringsdefinitie niet meegeteld worden als personeelslid van de Vlaamse overheid:

    1.   Bestuurders bij een extern publiek of privaatrechterlijke rechtspersoon

    1. Leden van de Raad van Bestuur/Algemene vergadering: inclusief eventuele onafhankelijke bestuurders, revisoren en experten.
    2. Regeringscommissarissen en toezichthouders, aangeduid door de Vlaamse Regering

    2.   Prestatiecontracten

    1. Personen die enkel in betalingssystemen worden opgenomen i.f.v. vergoedingen voor specifieke prestaties: deze personen worden juridisch niet tewerkgesteld maar zij leveren wel prestaties waarvoor zij worden vergoed (niet verloond) (bv. personen met een pluviometer in de tuin, personen die presentiegelden of rusttoelages ontvangen).
    2. Uitzendarbeid(excl. interim via Flexpunt) worden beschouwd als leveranciers van diensten. Personen die via Flexpunt tewerkgesteld worden, worden wel meegeteld als personeelsleden aangezien ze via individuele arbeidscontracten tewerkgesteld worden.
    3. Externe partners.
    4. Freelancers: een freelance-medewerker is een persoon met het statuut van zelfstandige (met dus een eigen btw-nummer) of een werknemer van een tussenpersoon voor de duur van het freelance-werk. Als een entiteit dus een freelancer inhuurt, levert de betrokkene opdrachten voor de entiteit uit tegen een vooraf afgesproken dag- of uurprijs. De entiteit ontvangt achteraf een factuur voor de geleverde diensten.

    3.   Werkervaringsovereenkomsten

    1. Beroepsinlevingsstage (BIS): betaalde stage op basis van een opleidingscontract waarbij er vaardigheden en competenties aangeleerd worden op de werkvloer.
      https://www.vdab.be/opleidingen/beroepsinlevingsovereenkomst
    2. Opleidingsstage (OV): onbezoldigde stage in kader van een opleiding bij de VDAB. https://werkgevers.vdab.be/werkaanbieden/stagiair.shtml
    3. Beroepsverkennende stage (BVS): onbetaalde stage om werkzoekenden de kans te geven om een oriënterende stage te doen op de werkvloer. https://werkgevers.vdab.be/werkgevers/werkplekleren
    4. Werkervaringsstage (WES): onbezoldigde stage voor werkzoekenden die het moeilijk hebben om werk te vinden.
      https://werkgevers.vdab.be/werkgevers/werkplekleren
    5. First stage Actiris: eerste bezoldigde werkervaring voor jongeren jonger dan 30 jaar die maximum diploma secundair onderwijs hebben. Ze krijgen een premie van de onderneming en een stage-uitkering per dag van Actiris. Er is geen verplichting tot aanwerving. Er is geen arbeidsovereenkomst met de onderneming maar wel een stageovereenkomst.
      http://www.actiris.be/jeunes/tabid/854/language/nl-BE/First-stage.aspx 
    6. Schoolstages: onbezoldigde stage in kader van een opleiding.
    7. Overeenkomst alternerende opleiding (OAO): juridische overeenkomsten tussen een entiteit en een centrum voor deeltijds onderwijs.De OAO wordt gebruikt als er gedurende een schooljaar in een duale opleiding 20u of meer op een reële werkplek wordt gewerkt. De leerling krijgt hiervoor een leervergoeding.
    8. Individuele beroepsopleiding voor kwetsbare werkzoekenden (IBO+): deze personen volgen een opleiding op de werkvloer. Tijdens de duur van de opleiding hebben de betrokkenen geen juridische tewerkstellingsrelatie met de entiteit waar de ervaring opgedaan wordt. Tijdens deze opleidingsperiode worden deze personen dus niet aanzien als personeelsleden van de Vlaamse overheid. Van zodra het tewerkstellingscontract na de IBO aanvangt, is er wel een juridische tewerkstellingsrelatie en telt de betrokkene mee als personeelslid.
      https://overheid.vlaanderen.be/individuele-beroepsopleiding-voor-kwetsbare-werkzoekenden-ibo
    9. Stagiairs die vanuit de openbare centra voor maatschappelijk welzijn (OCMW) ter beschikking gesteld worden aan een entiteit van de Vlaamse overheid (art. 60§7 van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de OCMW’s). Tijdens de periode dat betrokkene ter beschikking gesteld wordt aan een entiteit van de Vlaamse overheid, bestaat er tussen beide geen juridische tewerkstellingsrelatie. Hierdoor is de betrokkene geen personeelslid van de Vlaamse overheid. De juridische tewerkstellingsrelatie van de stagiair blijft tijdens de ter beschikking stelling behouden met het OCMW. De entiteit waar de stagiair tewerkgesteld wordt, sluit met het OCMW wel een overeenkomst af.
    10. Personeel in volgende startbaanprojecten:
      • Project Scholen voor Jongeren, Jongeren voor Scholen (JoJo)
      • Project Verkeersveiligheid (VeVe)

     

    4.   Tewerkstelling onder andere statuten

    1. Bedienaars der erediensten en moreel consulenten: zij vertegenwoordigen resp. één van de in België erkende erediensten of de centrale raad der niet-confessionele levensbeschouwelijke gemeenschappen van België en
      worden derhalve enkel aangesteld bij de Vlaamse overheid.
    2. Doctoraats-/beursstudenten
    3. Onderwijspersoneel: alle personen tewerkgesteld onder het onderwijs-statuut. Het gaat meer bepaald om volgende groepen van onderwijspersoneel:
      • Onderwijzend personeel en het zgn. ’Meester- en vakdienstpersoneel’ (=klusjesmensen) uit het Gemeenschapsonderwijs, zowel uit het gewoon als uit het buitengewoon lager en secundair onderwijs, inclusief de tijdelijke ontvangers.
      • Personeel uit hoger kunstonderwijs, zeevaartonderwijs en deeltijds kunstenonderwijs
      • Personeel betaald op budgetten ter ondersteuning van de scholen in de Rand- en taalgemeenten
      • Personeel dat vergoeding krijgt van budgetlijn ’vergoedingen van de mentoren bis’
      • Personeel en administratief personeel van de Centra voor Leerlingenbegeleiding of van de Pedagogische centra voor het Gemeenschapsonderwijs
      • Onderwijsinspectie en inspectiebegeleiding levensbeschouwelijke vakken
      • Personeel van de ’Sociale Dienst van het Gemeenschapsonderwijs vzw’
      • Personeelsleden tewerkgesteld in CODO-projecten
      • Contractuele en gedetacheerde deskundigen die de lokale overlegplatforms gelijke onderwijskansen ondersteunen (loppers)
      • Gedetacheerde leerkrachten zijn voor een beperkte periode gedetacheerd vanuit het onderwijs naar de administratie of naar verenigingen in de jeugdsector. Hoewel zij in de dagdagelijkse praktijk tewerkgesteld worden door de administratie, blijven zij tijdens deze detachering juridisch tewerkgesteld en doorbetaald als onderwijspersoneel. Zij worden dus niet als personeelslid beschouwd.
    4. Personeelsleden tewerkgesteld door het Vlaams Parlement of door de universiteiten/hogescholen/associaties (incl. muziekconservatoria). Dat betekent ook dat de eventueel statutaire personeelsleden bij VLHORA uitgesloten worden, gezien zij aldaar tewerkgesteld worden op basis van het onderwijsstatuut en aldaar belast zijn met een opdracht (cfr. codex Hoger Onderwijs – art II 56).

    5.         Losse medewerkers/occasioneel personeel

    Op basis van art 17 §1 van het KB van 28/11/69 is het mogelijk om voor maximaal 25 dagprestaties per jaar een beroep te doen op dit type van medewerker. Dit maximum wordt per persoon berekend. Het is enkel mogelijk in een beperkt aantal functies (monitor, leider, animator, beheerder, huismeester, bewaker) en voor een beperkt aantal activiteiten (vakantiekolonies, speelpleinen, sportkampen, sportinitiatie, socioculturele vorming). De uitoefening kan enkel buiten de werk - of schooluren van de betrokkene of tijdens schoolvakanties.

    Losse medewerkers krijgen telkens een arbeidscontract. Binnen de typologie van arbeidsovereenkomsten gaat het om de arbeidsovereenkomst ‘voor de uitvoering van tijdelijke arbeid of uitzendarbeid’ en meer specifiek voor ‘de levering van artistieke prestaties of productie van artistieke werken ten bate van een occasionele werkgever of een occasionele gebruiker’. Ze ressorteren ook principieel onder het Vlaams Personeelsstatuut (met uitzondering van maaltijdcheques en hospitalisatieverzekering) maar hebben eigen graden en salarisschalen. Op strikt formele gronden beantwoorden deze mensen dus aan de voorwaarden van de rapporteringsdefinitie over personeelsaantal en dienen zij dus als personeelslid te worden beschouwd.

     Toch worden deze personen niet meegeteld als personeelsleden omwille van de aard en omvang van de tewerkstelling. Het betreft hier namelijk meestal dagcontracten waarbij de prestaties van enkele uren worden vastgelegd in ruil voor een loon. Gemiddeld hebben zij meerdere contracten op één maand tijd en slechts een kleine minderheid levert meer dan 200 u prestaties op een jaar tijd (= 25 dagen * 8u). Vanuit inhoudelijk standpunt sluiten zij hierdoor meer aan bij ‘freelancers’  en ‘interimarbeiders’ (die telkens niet meegeteld worden) dan met seizoensarbeiders of jobstudenten (die beiden wel meegeteld worden).