chat-altchatcrossloginquestion-circlesearchsmileystarthumbup-downwarning
Vlaanderen
Contacteer ons
    Terug naar overzicht Stuur een e-mail

    Stuur een e-mail naar 1700, de informatiedienst voor al uw vragen aan de overheid.
    U ontvangt een kopie van uw bericht.

    Terug naar overzicht Chat met ons
    Uw chatgesprek wordt automatisch gestart zodra er een medewerker beschikbaar is.
    Even geduld, uw positie in de wachtrij wordt bepaald.

    Ziekteafwezigheidspercentage

    Evolutie ziekteafwezigheidspercentage

    De indicator ‘ziekteafwezigheidspercentage’ geeft het aantal dagen op 100 weer dat een werknemer afwezig is wegens ziekte. Het percentage wordt berekend door het aantal ziektedagen af te zetten tegenover het totaal aantal beschikbare dagen.

    Een milde stijging van het absenteïsme binnen de Vlaamse overheid zet zich door sinds 2008 - met uitzondering van 2009 waar er een minimale daling was. Het ziekteafwezigheidspercentage steeg van 6,37% in 2008 naar 7,54% in 2016. Als we kijken naar het afgelopen jaar evolueerde het van 7,04% in 2015 naar 7,54% in 2016. Dit betekent dat er in 2016 een procentuele stijging van het ziekteafwezigheidspercentage met 7,1% is ten opzichte van 2015.. In 2016 was een personeelslid, op 100 beschikbare dagen, er 7,54 afwezig wegens ziekte.

    Terwijl het ziekteverzuim binnen de Vlaamse overheid vroeger significant hoger lag dan in de private sector, liggen de cijfers sinds 2015 dicht bij elkaar. De stijgende trend in de Vlaamse overheid zet zich ook in de privésector door, waar het ziekteverzuimpercentage stijgt van 6,95% in 2015 naar 7,26% of een stijging met 4,46% (bron: Securex White Paper mei 2017, Absenteïsme in 2016). Het ziektepercentage is ook afhankelijk van de grootte van de organisatie: hoe groter de organisatie, hoe hoger het ziektepercentage - van 5,95% bij organisaties tot 20 werknemers tot 11,60% bij organisaties met meer dan 1.000 werknemers. Dit wijst erop dat het stijgend ziekteverzuim een algemeen maatschappelijk gegeven is zowel bij werknemers tewerkgesteld in private als in publieke organisaties.

    De oorzaken voor het stijgend ziekteverzuim zijn veelvuldig en liggen voor een stuk ook buiten de organisatie. Zo bepalen ook brede sociaal-economische trends zoals; de snelheid van veranderingen, de VUCA (volatile, uncertain, complex, ambiguous) wereld, de 24/7 connectiviteit, de intensivering van werk en leven, lean management, de individualisering, stijgende diversiteit, … mee het ziekteverzuim.

    Ook leeftijd is een belangrijke variabele, waarbij globaal genomen geldt dat het afwezigheidspercentage stijgt naarmate de leeftijd stijgt. Ook factoren als statuut en geslacht hebben een invloed op het percentage. Het ziekteafwezigheidspercentage is hoger bij statutaire personeelsleden (7,02%) dan bij contractuele personeelsleden (5,75%) en hoger bij vrouwen (8,36%) dan bij mannen (5,18%).

    De aan- of afwezigheid van personeelsleden wordt echter niet enkel door deze individuele factoren bepaald maar wordt potentieel beïnvloed door een ruime set van variabelen. Porter en Steers (bron: Op de Beeck, S., A. Hondeghem, (2017), Antecedenten van personeelsbeschikbaarheid, Tussentijds rapport, Steunpunt Bestuurlijke Vernieuwing, KU Leuven, p.16-26) hanteren vier categorieën:

    • Individuele factoren: demografische kenmerken (zoals geslacht, leeftijd, anciënniteit), persoonlijkheid, psychosociaal kapitaal, familiale verantwoordelijkheden
    • Jobgerelateerde factoren: jobkenmerken (zoals autonomie, complexiteit, niveau en doorgroeimogelijkheden), rolduidelijkheid, flexibel werken
    • Factoren in de directe werkomgeving: leiderschap, relatie met collega’s, grootte van het team
    • Organisatiebrede factoren: afwezigheidscultuur, organisatiepolitiek, erkenning vanuit de organisatie

    Evolutie ziekteafwezigheidspercentage volgens duur

    Als het ziekteafwezigheidspercentage van de Vlaamse overheid opgedeeld wordt volgens de duur van de afwezigheid, blijkt het volgende:

    Ziekteafwezigheidspercentage per periode

    jaar

    1-dags

    kort

    < 1 maand

    lang

    > 1 maand

    deeltijds

    2016

    0,40%

    2,04%

    4,34%

    0,73%

    2015

    0,39%

    1,98%

    3,87%

    0,54%

    • in 2016 waren 0,40% van de beschikbare dagen afwezigheden van één dag. Het gaat om 5% van de verloren arbeidstijd
    • 2,04% waren korte afwezigheden (2 tot 30 kalenderdagen). 27% van de verloren arbeidstijd is te wijten aan personeelsleden die tussen 2 en 30 kalenderdagen ziek zijn
    • 4,34% waren langdurige afwezigheden (meer dan 30 kalenderdagen). Dit is 58% van de verloren arbeidstijd
    • 0,73% waren afwezigheden wegens deeltijdse ziekte. Dat is 10% van de verloren arbeidstijd

    In vergelijking met 2015 stijgt de ziekteduur in elke categorie; het meest uitgesproken in de categorie van de langdurige ziekteperiodes - stijging met 12,14%.

    Dit cijfermateriaal leert dat het belangrijk is om te proberen om het procentueel aandeel van de langdurige ziekteperiodes in het totale ziekteafwezigheidspercentage in te dijken door het nemen van diverse beleidsmaatregelen.

    Zie ook deze cijfers

    2,40
    Meldingsfrequentie
    Cijfer over 2016
    12,30
    Gemiddelde ziekteduur
    Cijfer over 2016
    1.004
    Arbeidsongevallen
    Cijfer over 2014